Skip to: site menu | section menu | main content
Pagina 2 van 4
Auteur: Nicolet Steemers
Uitgever: L.J. Veen
© Nicolet Steemers (alle rechten voorbehouden)
'Luister, Em. Ik heb die map echt nodig, want
de Lancet-artikelen over harttransplantaties zitten erin. Ik wil ze vanavond
doornemen.'
Ik doe een paar stappen in zijn richting. 'Nee, dat kan niet.'
Vragend kijkt hij me aan over de rand van zijn bril.
'Else komt eten.'
'Nou en?'
'Dat had ik je toch verteld?'
'Nee. Komt ze nou alweer? Ze kan hier zo langzamerhand haar intrek wel nemen.’
Ik breek de groente in roosjes. Het zijn net boompjes uit een kinderspel. Ze
maken zachte knakgeluidjes.
'Je had beloofd dat je ons de hele avond gezelschap zou houden.'
Hij schudt zijn hoofd. 'Nee toch?'
'Jawel. Ze komt ook voor jou.'
Waarom zou ik zoiets beloven? Je denkt toch niet dat ik de hele avond
vrouwengereutel wil aanhoren?'
'Je vindt haar best leuk.'
'Om te zien. Niet om naar te luisteren. Neemt ze dat etterbakje ook mee?'
'Remco. Ja.'
'Dan is mijn geluk compleet, met die persoonlijkheidsstoornis op twee benen. Ik
moet vanavond werken.'
Hij draait zich weer om naar de monitor en klikt vinnig op zijn muis. 'Kom op,
rotding.'
'Remco valt reuze mee als je hem beter leert kennen. Hij is erg gevoelig voor
indrukken en hij reageert misschien wat vreemd. Else denkt dat hij een
nieuwetijdskind is.'
'Ja, dat viel te verwachten na dat artikel over ADHD-gevallen die zich
onbegrepen sterrenkinderen wanen. Aura en intuïtie, het wordt tijd dat die
woorden uit onze taal verdwijnen. Terwijl dat joch gewoon een onversneden
narcist is. Laatst, toen ik hem met zijn wiskunde hielp, dacht ik dat hij
loenste. Maar hij bleek aan een stuk door naar zijn spiegelbeeld in de ruit te
kijken.’ Hij haalt zijn schouders op. ‘Nou ja, zo verheffend is mijn rimpelkop
natuurlijk ook weer niet.’
‘Zelfinzicht siert de mens’, antwoord ik. We grijnzen elkaar toe. Mijn hart gaat
naar hem uit en het liefst zou ik hem omhelzen, maar ik vrees dat ik dan
sentimenteel word.
Over sentiment gesproken: de laatste tijd betrap ik mezelf op fantasieën waarin
Else mijn man tot grote steun is na mijn dood. Morbide? Misschien. Maar ik moet
er gewoon niet aan denken dat die onhandige lomperd van me straks alleen in dit
grote huis ronddoolt. En wat is er op tegen als twee mensen waar ik van houd
straks weer een beetje gelukkig worden? Na dat vreselijke huwelijk heeft mijn
vriendin ook wel weer eens recht op een leuke man. Natuurlijk, Pieter heeft een
gebruiksaanwijzing. Hij is ontactisch en allergisch voor mensen onder de
twintig. Maar we hebben nooit kinderen gehad en ik weet zeker dat hij aan Remco
kan wennen. Ik zal ze de komende tijd nog vaker uitnodigen, maar het moet er
natuurlijk niet te dik bovenop liggen.
Pieter trekt een gezicht. 'Allemachtig, nou loopt die computer ook nog vast.'
Een plotselinge vlaag van vermoeidheid trekt door mijn lichaam. Ik ga op de kruk
naast het aanrecht zitten en probeer mijn ogen scherp te stellen. Pieter vloekt
en drukt in het wilde weg toetsen in. Om zijn lichaam en kalend hoofd bevindt
zich een heldere gloed.
Ik giechel. 'Geloof je niet in aura’s? Die van jou is anders prachtig. Nu ik het
dubbel zie, komt het des te beter uit. Maar je teksten klinken niet erg gepast.
Misschien moet je…'
Plotseling glijd ik van de kruk. Voor ik met mijn ogen kan knipperen lig ik op
de grond. De noppen in het zeil hebben ook allemaal een aura. Pieter is
blijkbaar opgestaan, want hij zit op zijn knieën naast me.
'Em? Kun je me horen?'
Hij schuift voorzichtig een hand onder mijn hoofd.
Ik knik.
'Heb je je bezeerd?'
'Nee.'
[lees verder] [<<]