Skip to: site menu | section menu | main content
Auteur: Nicolet Steemers
Uitgever: L.J. Veen
© | Nicolet Steemers (alle rechten voorbehouden)
23
december 2007 | Op de website van Ezzulia plaatsen wij regelmatig
korte verhalen. De meeste hiervan worden exclusief voor Ezzulia geschreven en
zijn nergens anders te vinden. Deze keer een verhaal van Nicolet Steemers,
auteur van de thrillers Het Hart en de Moordkuil en het onlangs
verschenen Zachte Heelmeesters.
De Zwarte Map
Pieter zit achter zijn computer als ik thuiskom. Zijn gezicht wordt hel verlicht
door de bureaulamp boven hem. Hij tuurt door samengeknepen ogen naar het
beeldscherm.
'Hallo', zeg ik.
'Ha', antwoordt hij zonder op te kijken. 'Was alles goed?'
Ik zet de plastic tas met brood, groente en medicijnen in de hoek tegen de
piano.
'Kon niet beter. Boven verwachting. Net als de vorige keer. Volgens van der
Zwaag hoef ik me me nergens zorgen over te maken.'
'Zei ik toch.'
'Je had weer eens gelijk.'
'Hmm.'
Ik blijf een moment naar hem kijken. Teksten rollen over het scherm, zwart op
wit.'
Als ik een stap in zijn richting doe, klikt hij naar een ander scherm dat
grafieken weergeeft waarin verschillende lijnen elkaar kruisen.
'Werk?'
'Hmm.'
Ik draai me om, pak de boodschappentas weer op en loop ermee naar de keuken. Te
snel. Groene vlekken dansen voor mijn ogen, met kleine rode puntjes erin. Mijn
eigen firmament met lichtjes van sterren die al lang niet meer bestaan. Oud
nieuws. Geen reden tot sentimentaliteit. Een compleet melkwegstelsel kan door
een zwart gat worden opgezogen terwijl geen mens er iets van merkt. Die
onverschilligheid is natuurlijk wederkerig. Mensen sterven als meteorieten die
in de dampkring terecht komen. Het ene moment ben je samengebundelde energie,
het volgende doof je uit. Voor mij blijft de vraag: is het een goed idee om de
laatste maanden van mijn leven reizend door te brengen? Ik heb altijd graag
andere landen bezocht. Maar heeft het zin om de aarde beter te leren kennen als
je je er direct daarna in moet laten begraven? Het lijkt allemaal zo
betekenisloos. Ik lijk zo betekenisloos. Daar zou ik me nog wel overheen
kunnen zetten, maar dan is er nog het praktische probleem: hoe krijg ik Pieter
mee op reis zonder zijn argwaan te wekken?
Ik haal de bloemkool uit de tas en leg hem op het aanrecht. De groente is
keihard en er ligt een flonkerend laagje overheen. Net ijskristallen. Ik klem
hem tegen mijn buik en draag hem door de kamer.
'Is het je ooit opgevallen hoe mooi een bloemkool eigenlijk is?'
Mijn man werpt er een vluchtige blik op.
'Hebben ze je weer teveel van die oranje pilletjes gegeven? Je vertoont
neigingen tot overdrijving, schat.'
Schouderophalend loop ik terug naar de keuken. 'Dat jij geen oog hebt voor
schoonheid, betekent niet dat ik hysterisch ben.'
'Als je erg je best doet, wil ik zo wel zeggen dat hij heerlijk smaakt.
Tenminste, als je er een goede saus bij maakt, anders is dat spul niet binnen te
houden. Wat ik vragen wilde: heb jij mijn zwarte map soms weer opgeruimd?'
Ik snijd de bladeren en de stronk weg en houd de roomwitte bol onder de kraan.
Hersenen. Smetteloze hersenen met een stevige bite. Geen tumor te bekennen.
Gezonde groente die ik Pieter met een gerust hart voor kan zetten.
'Schat?'
'Ja?'
'Je luistert niet. Heb jij mijn zwarte map gezien?'
'Nee. Dat zei ik toch.'
'Dat zei je niet. Waar zit je met je gedachten? Als je die aanvallen van
schoonmaakwoede echt niet kunt beteugelen, wil je dan in ieder geval proberen om
alles wat je afstoft op dezelfde plaats terug te leggen?'
'Ik heb al in geen weken stof afgenomen.'
Hij aait de bureaulamp met een wijsvinger. 'Hm. Nu je het zegt. Ik kan hier een
boodschappenlijst op maken. Maar wat heb je er dan mee gedaan?'
'Niks. Zal ik een kaas- of een tomatensaus bij de bloemkool maken?'