Skip to: site menu | section menu | main content
David Benedictus:
Terug naar het Honderd-Bunders-Bos
POEH ZONDER PUNCHLINE
Josefin Hoenders |
www.ezzulia.nl
Een vervolg schrijven op Pluk van de Petteflet. Of een nieuw deel van Jip en Janneke. Volgens mij is er geen grotere uitdaging op Nederlands taalgebied mogelijk. De stijl van Annie M.G. Schmidt is zo geniaal, zo geestig, maar vooral ook zo eigen, dat een nieuwe Pluk willen schrijven naar mijn idee een Onmogelijke Opgave is. Opgeven dus, zou mijn advies zijn. Niet aan beginnen.
Dat zou ik ook zeggen tegen iedereen met het plan een nieuw deel van Winnie-de-Poeh te schrijven. De stijl van Alan Alexander Milne is immers even zo geniaal en geestig, maar vooral ook weer zo eigen, dat je wel een heel groot taalwonder moet zijn om dat niveau te kunnen evenaren. En aangezien we het Annie M.G. Schmidt niet meer kunnen vragen, zou ik weer hebben gezegd: niet doen.
Maar wie niet waagt, niet wint zullen de Britse
auteur David Benedictus en illustrator Mark Burgess hebben
gedacht. Aangemoedigd door de erven van Poeh schreef en tekende het duo tien
nieuwe verhalen in oude stijl, die vandaag (op 5 oktober) wereldwijd onder de
titel Terug naar het Honderd-Bunders-Bos verschijnen.
Bijna
Wat dapper, dacht ik, toen ik ervan hoorde. En ik
dacht ook: ‘Veel succes’. Ik was dan ook oprecht gespannen toen ik de drukproef
van de uitgever ontving. En tot mijn verbazing, en opluchting, is het een leuk
boek geworden. Benedictus en Burgess hebben werkelijk hun uiterste
best gedaan om de karakters en de sfeer intact te laten. Iejoor is nog steeds de
melancholieke, misantropische ezel, Knorretje nog steeds het angstige biggetje
en Poeh is nog steeds… Poeh.
Althans, bijna.
Ach, voor ik verder ga, oordeelt u zelf even.
Welke van onderstaande citaten, denkt u, is van A.A. Milne en welke van
David Benedictus?
Citaat 1: ‘Zal ik wat warme chocolademelk maken en een lekker hapje
van het een of ander?’ vroeg Poeh. Hij dacht even na en zei toen: ‘Of wil je
alleen wat warme chocolademelk, dan eet ik het hapje van het een of ander wel,
want je wilt toch gezond blijven?’
Citaat 2: ‘Ik moet er wel bij zeggen’,
legde Poeh uit terwijl ze naar de rand van het eiland liepen, ‘dat het niet
zomaar een gewoon soort boot is. Soms is het een boot, en soms is het meer een
Soort van Ongeval. Dat hangt er maar net vanaf.’
‘Waarvan?’
‘Van of ik er bovenop of er onder zit.’
Misschien verbaast het u niet, of misschien juist wel, maar het tweede fragment
is geschreven door Milne, het eerste door Benedictus. Misschien
vindt u wel dat de nieuwe Poeh net zo leuk en grappig is als de oude. Misschien
vindt u hem wel stukken geestiger. Of misschien vindt u het, net als ik, een
gezellig fragmentje, maar mist u de Onbedoelde Diepzinnige Kijk op de Dingen die
vrijwel alle opmerkingen van de oude Poeh zo uitzonderlijk maakte.
Die malle ouwe beer van A.A. Milne was namelijk helemaal niet zo dom. En daar hebben de uitgevers in de jaren na Milne’s dood veel profijt van gehad. Zo ligt er naast mij op het bureau de pocket: Citaten van Poeh en zijn vrienden, vol met de mooiste en diepste overpeinzingen van de dieren uit het Honderd-Bunders-Bos, afkomstig uit Milne’s Winnie-de-Poeh en Het Huis in het Poeh-hoekje.
Zoals:
Poeh keek naar zijn twee poten. Hij wist dat een van de twee de rechter was,
en hij wist dat zodra je had vastgesteld welke van de twee de rechter was, dat
de andere dan de linker was, maar hij wist nooit precies hoe hij moest beginnen.
Het huis in het Poeh-hoekje
Dit is Poeh ten voeten uit. En zo onbedoeld geestig tref ik hem helaas maar weinig aan in het boek van Benedictus.
Een voorbeeldje:
Christoffer Robin bladerde door de atlas. “Ik vraag me af waarom zo veel
landen roze zijn, ‘zei hij. ‘Daar heb ik nu geen tijd voor’, zei Konijn.
Christoffer Robin had het te warm om antwoord te geven.
Terug naar het Honderd-Bunders-Bos
Ziet u wat ik bedoel? Een nieuw citatenboekje zal
dus ook moeilijk zijn. De nieuwe dialogen missen vaak een punchline, een clou.
Die Onbedoeld Diepzinnige Kijk op de Wereld, die behalve Poeh en Knorretje
misschien alleen hun geestesvader Milne bezat. En Annie M.G. Schmidt
natuurlijk.
Wegdromen
Hun gevoel voor humor zijn de dieren dan
misschien wel een beetje kwijtgeraakt, maar de gezellige, warme sfeer heeft
Benedictus niet verloren laten gaan. Daardoor vind ik Terug naar het
Honderd-Bunders-Bos toch een prettig boek, waarin je lekker kunt wegdromen
op een donkere, winterse avond. Want wat is er mooier dan wandelen langs bomen
die een wedstrijdje doen wie er het groenst is? Of op een zomerse dag op zoek te
gaan naar honing? Ook de tekeningen van Mark Burgess zijn prachtig.
E.H. Shepard zou ze zelf gemaakt kunnen hebben. En ik denk dat dit boek
zelfs de goedkeuring van A.A. Milne had kunnen wegdragen. Milne
was een dominante, competitieve man, die vermoed ik wel blij zou zijn geweest
dat ook een begaafd schrijver als David Benedictus zijn stijl niet voor
de volle 100% heeft kunnen nabootsen.
![]()
Terug naar het
Honderd-Bunders-Bos
Auteur: David Benedictus
Illustraties: Mark Burgess
Oorspronkelijke titel: Return To The Hundred Acre Wood
Uitgeverij Unieboek
ISBN 978 90 475 0991 2
Paperback
Prijs: € 18,50
Wereldwijde release: 5 oktober 2009
Wil je reageren op deze recensie of heb je een mening over de boeken van David Benedictus? Klik hier voor het speciale topic op het forum van Ezzulia.
Kijk hier voor nog meer recensies van jeugdboeken.
