DE WINNAARS:
26 juli 2007 | In totaal ontvingen wij een kleine 200 inzendingen op de Jonathan Tropper prijsvraag. En nagenoeg iedereen wist ook de juiste antwoorden te geven (C, A, B).
De tien winnaars van Leven Na Hailey van Jonathan Tropper zijn geworden:
01. Jolanda van Laar (Veenendaal)
02. Danielle Kertzman (Maastricht)
03. Linda van Leeuwen (Nijmegen)
04. Henriëtte Leeuwis (Strijen)
05. Ria Slot (IJsselstein)
06. Astrid Bubbert (Alkmaar)
07. Coenraad de Kat (Den Haag)
08. Joris Ikink (Oldenzaal)
09. Elisabeth Rozema (Hilversum)
10. Kathleen Szkudlarek (Genk, België)
Alle winnaars van harte gefeliciteerd. Jullie krijgen Leven Na Hailey van Jonathan Tropper rechtstreeks van de uitgever toegezonden. Heb je deze keer niets gewonnen? Er loopt op dit moment nóg een prijsvraag en binnenkort komen er weer nieuwe kansen om mooie boeken te winnen.

Win één van de tien exemplaren van Leven na Hailey, het bejubelde boek van
Jonathan Tropper.

18 juli 2007 | Ezzulia plaatst regelmatig
prijsvragen waarmee boeken zijn te winnen. Meestal geven wij vijf exemplaren
weg, maar deze keer kunnen wij twee keer zoveel bezoekers van onze site
gelukkig maken met een geweldig boek.
Uitgeverij Truth & Dare heeft namelijk tien exemplaren van Leven Na Hailey
beschikbaar gesteld, het bejubelde boek van Jonathan Tropper.
Een paar
weken terug schreef Kim Moelands over dit boek:
"Tropper heeft
de galgenhumor van Hans Teeuwen en Kluun in het kwadraat. In Leven na Hailey zijn de lach en de traan elkaars ergste
vijand maar ook elkaars beste vriend. Iedereen die Kluun op handen draagt
moet dit boek zeker lezen. Het is minstens zo goed en misschien nog wel beter."
Op woensdag 25 juli a.s. worden
uit de goede inzendingen tien winnaars gekozen die Leven na Hailey
van Jonathan Tropper gratis krijgen toegezonden.
De prijsvraag:
Lees het onderstaande fragment, beantwoord de
vragen en je maakt kans op één van de 10 door uitgeverij Truth & Dare
beschikbaar gestelde exemplaren van Leven na Hailey.
Vraag 1:
Welke kleur haar had Dougs overleden vrouw Hailey?
a. Rood
b. Bruin
c. Blond
Vraag 2:
Wat is volgens Doug een goede metafoor voor rouw?
a. De muffe en ranzige lakens op zijn bed
b. Messcherpe pijn
c. Een bloedende wond
Vraag 3:
Waarom heeft Doug de lakens op zijn bed een tijd niet gewassen?
a. Zijn wasmachine was kapot
b. Hij wil de geur van Hailey niet uit de lakens wassen
c. Doug heeft geen talent voor het huishouden
Weet jij de juiste antwoorden op deze vragen?
Stuur ze dan
dit mailadres en
vergeet niet ook je postadres door te geven.
Vermeld in het mailtje tevens de
naam waaronder je op het forum van Ezzulia staat ingeschreven.
Ben je nog onbekend met ons boekenforum, kijk dan hier en schrijf je vandaag nog in.
Je gegevens worden door ons nooit gebruikt voor commerciële doeleinden en worden ook niet door ons bewaard.
Het leesfragment:
Hoe praat je met een weduwnaar
Door Doug Parker
Vanwege die pas ontdekte neiging die ik heb ontwikkeld om snel opeenvolgende
uitbarstingen van rauwe, onvervalste pijn de vrije loop te laten, mijn
emotionele Gilles de la Tourettesyndroom, en omdat ik er niet tegen kan het
doelwit van iemands medelijden te zijn anders dan het mijne, blijf ik
tegenwoordig eigenlijk altijd thuis.
Het enige nadeel hiervan is dat het huis een mijnenveld is en dat ik niet weet
wanneer ik op een sluimerende herinnering aan Hailey stap en mijn benen eraf
worden geblazen. Zelfs na al die tijd is ze nog steeds overal. Op haar
nachtkastje ligt nog steeds het laatste boek dat ze aan het lezen was, een of
ander chicklitding met een roze omslag, dat gaat over te dikke, wijsneuzerige
vrouwen en de mannen die hen bedriegen en wanneer ik het oppak, zie ik dat ze op
de laatste bladzijde die ze heeft gelezen een stripfiguurtje met uitpuilende
ogen, een krulsnor en kwaadaardige wenkbrauwen heeft getekend, en ik moet erom
glimlachen, maar zelfs terwijl ik dat doe voel ik de tranen komen. Ik had een
vrouw. Ze heette Hailey. Nu is ze er niet meer. En ik ook niet. In de badkamer
hangt haar rode beha nog steeds aan de deurknop.
Ze was ongetwijfeld van plan die in de wasmand te gooien, maar is er nooit aan
toegekomen. Dat is iets wat ik haar heb geleerd, om eenvoudige huishoudelijke
taken eventjes te laten sudderen, om klusjes niet te doen voordat het hun tijd
is.
Ik loop als een geest door onze slaapkamer en zorg ervoor dat ik het toevallige
bewijs van haar bestaan niet verstoor, het boek, de beha, de borstel waar nog
steeds blonde haren in zitten, haar parfum en cosmetica die over de wastafel
verspreid liggen, de waterkring van een zwetend glas water dat ze op het
dressoir heeft gezet, de zijden blouse die over de stoel naast het bed hangt en
die ze op het laatste moment niet heeft ingepakt voor haar reis, de gerafelde
speelgoedolifant Bazooka die al sinds haar kindertijd tussen haar kussen en het
hoofdeind ingeklemd ligt. Ik heb zelfs na haar dood een tijdje de lakens niet
verschoond omdat ze nog steeds naar haar roken. Toen hielden ze op met naar haar
te ruiken en na nog een paar weken roken ze alleen nog maar ranzig. En dat is
een even goede metafoor voor rouw als de duizenden andere die me elke dag
invallen. Je klampt je wanhopig aan elke herinnering vast, en door dat te doen
worden de herinneringen muf en ranzig, net als de lakens op mijn bed.
Maar toch deed het pijn toen ik de lakens verschoonde, weer een manier om Hailey
naar het verleden over te brengen, weer een stap over de onvermijdelijke
scheidslijn en ik kan mezelf er niet toe zetten op te ruimen, omdat elk dingetje
dat ik weghaal of opruim weer een van haar sporen is die ik onherroepelijk
uitwis. Ik wil van die palen met rode, fluwelen koorden ertussenin neerzetten,
zoals ze in historische landhuizen doen, om ervoor te zorgen dat de toeristen
niet met het verleden kunnen knoeien, omdat we dat, als we de kans krijgen,
allemaal zouden doen.
Net als toen ik in groep zeven op schoolreisje naar Philadelphia werd uitgedaagd
om een met touwen afgezette trap in het huis van Benjamin Franklin op te
sluipen. Ik dacht dat ik mijn plek in de geschiedenis wel kon vastleggen door
naar Bens wc te gaan. Ik werd gesnapt en het gebouw uitgezet, en moest voor
straf de rest van de middag in de bus blijven. De chauffeur daarentegen was heel
cool. Hij haalde wat voor me bij McDonald’s en liet me door de uitgebreide en
goed geconserveerde Playboy-verzameling kijken die hij in het kaartenvak onder
zijn stoel bewaarde, waardoor de ‘Liberty Bell’ en de getuite lippen en
kegelvormige, ge-airbrushte borsten van de playmate van de maand april voor
altijd in mijn geheugen aan elkaar zijn geklonken. Ze heette Janelle en ze hield
van bergbeklimmen, watersporten en mannen die niet bang waren voor een beetje
zweet. De moraal: er zijn gewoon dingen die met een touw afgesloten moeten
blijven. Maar hoe erg het in huis ook is, ik verlaat het bijna nooit. Want de
pijn is mijn laatste verbinding met haar, en hoeveel pijn het ook doet, ik
wikkel mezelf erin als was het een deken, net als een tienermeisje dat met een
scheermes kerven maakt in haar dij, ik doe mezelf pijn omdat ik iets wil voelen.
Ik ben er niet klaar voor dat de tijd deze wond heelt, maar ik weet ook dat ik
hem niet kan tegenhouden. En omdat ik dat weet, vecht ik harder dan ooit om de
pijn te kunnen vasthouden en bijt me vast in deze tragedie nu ze nog vers en
tragisch is. Zo af en toe krab ik aan mijn korstjes, net als een hond, wanhopig
proberend om bloed uit mijn open wond te laten lopen, maar zelfs terwijl ik
daarmee bezig ben, weet ik dat de dag zal komen waarop ik dat korstje eraf trek
en er geen bloed onder zal zitten, maar alleen zachtroze, maagdelijke huid. En
als dat eindelijk gebeurt, wanneer de tijd onvermijdelijk vat op me heeft
gekregen, dan weet ik dat ze voorgoed weg is.
En ik weet dat er op een bepaald moment in de toekomst iemand anders zal zijn.
Ze zal slim zijn, beeldschoon en op haar eigen manier beschadigd, en we zullen
elkaar begrijpen en verliefd worden, en dan zal ik me schuldig voelen omdat ik
gelukkig ben, dus dan ga ik dingetjes doen om ons te saboteren als het té goed
begint te gaan. En ze zal geduld met me hebben en dan, als ze meer beledigingen
heeft gepikt dan ze aankan, zullen we luidruchtige ruzies hebben waarin we ons
hart luchten en dan wordt er waarschijnlijk een in tranen gedrenkt ultimatum
gesteld en dan zullen we het ergste te boven zijn. Ik zal me nog steeds schuldig
voelen, maar daar zal ik beetje bij beetje overheen komen, en met elk beetje zal
Hailey verder en verder in het verre verleden verdwijnen, tot ze niet meer is
dan een voetnoot in het verhaal van mijn leven. En op een dag zal een oudere
versie van mezelf zijn kinderen vertellen dat hij een keer eerder getrouwd is
geweest, voordat hij hun moeder had ontmoet, maar dat zijn vrouw is overleden,
en Hailey zal voor hen geen persoon zijn, maar een kleine, ontastbare,
biografische storing, een triest iets wat hun vader is overkomen op zijn weg
naar nog lang en gelukkig. En erger nog, misschien zie ik het dan ook zo.
En ik hoef niet van jou te horen dat dit zal gebeuren, het is onvermijdelijk. Ik
houd mezelf niet voor de gek. Maar het feit dat het waar is betekent nog niet
dat ik het vandaag onder ogen moet zien. Soms is de enige waarheid waarmee
mensen om kunnen gaan, de waarheid waarmee ze die ochtend wakker zijn geworden.
En vanochtend, net als elke ochtend, werd ik wakker met mijn pijn. Doe me dus
een plezier en blijf er met je poten van af.
(Fragment uit: Leven na Hailey van Jonathan Tropper, uitgeverij
Truth & Dare, ISBN 978 90 499 9932 2.)
