Skip to: site menu | section menu | main content

19 januari 2008 | Op 18 februari a.s. ligt de nieuwe thriller van Simone van der Vlugt in alle boekhandels. Na De Reünie, Schaduwzuster en Het Laatste Offer is Blauw Water reeds het vierde boek van Simone van der Vlugt in haar reeks literaire thrillers voor uitgeverij Anthos. Gezien de enorme verkoop van haar eerdere boeken kan Blauw Water een eerste druk van maar liefst 100.000 exemplaren tegemoet zien. Een geweldig aantal, welke de populariteit van de auteur ondubbelzinnig lijkt te onderstrepen. Want in zeer korte tijd is Simone van der Vlugt met haar thrillers een keurmerk voor kwaliteit en succes geworden.
In de tweede aflevering van Ezzulia Preview staat Blauw Water van Simone van der Vlugt centraal. Over iets meer dan vier weken is het boek daadwerkelijk te koop. Jürgen Joosten en Eric Herni zochten nu reeds contact met Simone van der Vlugt en stelde haar alvast vragen over haar nieuwe boek.
Blauw water is volgens de omslag een psychologische thriller. Je vorige boeken werden literaire thrillers genoemd. Wat maakt Blauw Water een psychologische thriller?
Op mijn website staat inderdaad dat Blauw water een psychologische thriller is. Dat is omdat ik vind dat die term de lading goed dekt. Op het omslag staat echter nog steeds gewoon literaire thriller. Er heeft geen grote omschakeling plaatsgevonden bij Anthos!
Ontsnapte TBS-ers - en hun vaak gruwelijke daden -
waren vorig jaar groot nieuws. In hoeverre heb je dit verwerkt in je boek?
Ik kwam op het idee om over een ontsnapte TBS-ers te schrijven door al die berichtgeving in de media. Op een dag was ik alleen thuis, ik was boven bezig, de deuren beneden waren niet op slot en het drong tot me door dat iedereen zomaar naar binnen kon stappen. Bij mij slaat dan meteen mijn verbeelding op hol. Ik vroeg me af hoe ik zou reageren als er opeens een wilvreemde met kwade bedoelingen in mijn huiskamer zou staan. Als ik daar vervolgens over ga fantaseren, trekken de gebeurtenissen als filmbeelden aan me voorbij. Die filmbeelden heb ik opgeschreven. Die dicht-bij-huis-misdaad vind ik heel intrigerend. Het zou je zomaar kunnen overkomen…
Blauw water is je dunste boek tot nu toe. Heb je daar een verklaring voor?
In Blauw water schrijf ik vanuit twee perspectieven. Het ene perspectief ligt bij Lisa, de vrouw die door de TBS-er gegijzeld wordt, en het andere perspectief bij Senta, een vrouw die bij Lisa aanbelt om de weg te vragen. Als Senta snel weggaat om hulp te halen, overkomt haar iets verschrikkelijks. Die twee verhaallijnen nodigden niet uit tot allerlei uitwijdingen, waardoor het boek minder dik werd dan de vorige drie. Dat had ik best kunnen oplossen met allerlei flashbacks van jeugdherinneringen en de dagen voor het drama zich voltrekt, maar ik had het gevoel dat ik dat niet moest doen. Het boek had een heel strakke spanningsboog en die wilde ik graag behouden. Trouwens, zo dun is het nou ook weer niet. Blauw water is van een heel normaal formaat, alleen iets minder dik dan wat je van mij gewend bent.
Wat is het verhaal achter de cover? Ben je er tevreden over?
De cover moet de spanning en broeierigheid uitdrukken die tussen Lisa en de TBS-er ontstaat. Ik denk dat iedereen in zo’n situatie zou proberen om vriendjes te worden als duidelijk wordt dat ontsnappen niet lukt. Maar wat doe je als diegene wat meer dan alleen vriendjes wil worden? Natuurlijk leeft bij Lisa, behalve doodsangst, ook de vrees dat die man zich aan haar zal vergrijpen.
Ik ben heel tevreden met dit omslag. Ik hou
niet zo van omslagen vol bloed en geweld. Juist de suggestie van het
tegenovergestelde vind ik prikkelend.
De eerste oplage van Blauw Water is maar liefst 100.000 exemplaren. Een geweldig aantal. Doet dat iets extra's met jou?
Mijn boeken hebben het allemaal heel goed
gedaan. Ze zijn alle drie ruimschoots de 100.000 exemplaren gepasseerd. In die
zin vond Anthos het geen risico om er meteen zoveel te drukken, en ik ook niet.
Ik zie het niet als een extra druk maar eerder als een enorm blijk van
vertrouwen. En natuurlijk is zo’n hoge oplage de droom van iedere schrijver, dus
daar moet je gewoon van genieten. Ik ben niet zo bang dat we er mee blijven
zitten.
Jeugdboeken en thrillers voor volwassenen zijn twee verschillende werelden. Als je ooit eens zo moeten kiezen tussen beide, waar zou dan je voorkeur naar uit gaan?
Als ik echt zou moeten kiezen, zou ik voor boeken voor volwassenen gaan. Ik heb twaalf jaar lang met veel plezier voor jeugd geschreven en dat doe ik nog steeds. Maar het nadeel van jeugdliteratuur is dat je je iedere keer in een heel jong personage moet verplaatsen. Niet dat ik dat lastig vind, maar het schrijft prettiger als je vanuit je eigen belevingswereld schrijft.
De hoofdpersonen in mijn jeugdboeken werden steeds ouder, op een gegeven moment waren ze rond de twintig, maar je moet er altijd rekening mee houden dat je ook wordt gelezen door kinderen van twaalf. Dat brengt beperkingen met zich mee die ik niet heb bij het schrijven van mijn thrillers. Overigens ben ik niet van plan om alleen maar thrillers te schrijven. Mijn liefde voor het historische genre ben ik nog niet verloren, en op dit moment groeit er een historische roman voor volwassenen in mijn hoofd. Maar daarover een andere keer meer…

Blauw Water
Auteur: Simone van der Vlugt
Uitgever: Anthos
ISBN: 978 90 414 1090 0
Paperback
Prijs: 16,95
ISBN: 978 90 414 1294 2
Gebonden
Prijs: 21,95
Verschijnt: 18 februari 2008
Als Lisa in haar achtertuin de was ophangt staat er ineens een ontsnapte tbs'er voor haar neus. Vluchten is geen optie omdat ze het leven van haar zesjarige dochter Anouk niet in gevaar wil brengen. Er volgt een angstaanjagende en zenuwslopende week waarin moeder en dochter gegijzeld worden in hun eigen huis. Lisa zint op een ontsnappingspoging maar heeft weinig bewegingsvrijheid. Het enige waar ze op kan rekenen is haar inlevingsvermogen, fantasie en mensenkennis. Maar is dat genoeg om het er levend vanaf te brengen?
Senta is journalist en is met haar auto verdwaald in de mist. Als ze besluit aan te bellen bij een dijkhuisje, wordt er niet opengedaan. Ze loopt om het huis heen en ziet tot haar schrik dat daarbinnen een vrouw met een mes wordt bedreigd. Ze vlucht, maar terwijl ze op zoek gaat naar hulp overkomt haar iets vreselijks...
Op het laatste moment ziet ze de man pas. Lisa is bezig de was aan de droogmolen
in de tuin te hangen als hij achter de fladderende lakens opduikt. Met een gil
laat ze het laken, dat ze net wilde ophangen, in het
gras vallen. De man kijkt zo angstaanjagend dat ze terugdeinst en tegen het
tafeltje achter haar botst. De wasmand die erop staat valt eraf, gevolgd door
het knijpermandje.
Met samengeknepen ogen kijkt de man haar aan. Hij ziet er nogal onverzorgd uit,
met gemillimeterd, zwart haar en een stoppelbaard van minstens twee dagen. Hij
draagt afgetrapte cowboylaarzen en er zitten grasvlekken op zijn kleren. Maar
het is vooral de kille blik in zijn ogen die Lisa angst aanjaagt.
Een windvlaag doet de droogmolen rondtollen en het wapperende wasgoed onttrekt
de man even aan het zicht. Lisa maakt van die paar seconden gebruik om naar de
keukendeur te hollen. De man loopt om de droogmolen heen, slaat de lakens opzij
die tegen zijn gezicht waaien en loopt haar achterna. Pas als ze bijna bij de
deur is, trekt hij een sprintje. Met een klap gooit Lisa de deur voor zijn neus
dicht, maar nog voor ze de knip erop kan doen, duwt de man hem open en dringt
zich naar binnen. Zijn aanwezigheid vult de hele keuken.
Lisa’s ogen glijden naar de messen die aan de betegelde muur boven het aanrecht
hangen, maar ze weet dat ze nooit snel genoeg zal zijn om er een te pakken te
krijgen. Behoedzaam schuifelt ze achterwaarts naar de openstaande deur van de
huiskamer. Daar klinken schelle geluiden die afkomstig zijn van de televisie,
haar vijfjarige dochter Anouk zit op de bank te zappen.
Roerloos blijft Lisa staan. De indringer ook, en secondenlang kijken ze elkaar
aan. Als Anouk nu maar niets in de gaten heeft. Als ze maar rustig op de bank
blijft zitten, verdiept in de tekenfilm.
De man ziet er niet overdreven gespierd uit maar hij is wel erg lang, en Lisa
weet dat hij haar zonder moeite tegen de grond zou kunnen werken. Ze maakt zich
geen illusies dat ze hem kan tegenhouden, maar ze kan hem in ieder geval het
directe zicht op haar dochter ontnemen.
Het dringt tot haar door dat hij nog geen woord heeft gezegd. Ze kan hem niet
peilen, heeft geen idee met wie ze van doen heeft en wat hij van haar wil.
Als de man op haar afkomt, deinst ze terug en grijpt de deurposten vast, maar
hij draait zich om naar het aanrecht. Daar liggen de restanten van de lunch nog:
de broodplank, een halve zak bruin brood, een rol beschuit en een pak hagelslag.
In de gootsteen staat een half leeggedronken glas melk van Anouk. Meer kreeg ze
er niet in vanmiddag, en Lisa had niet aangedrongen. De kans was groot dat ze
het toch weer zou uitspugen.
De man pakt het glas en drinkt het snel leeg. Dan grist hij de broodzak naar
zich toe, negeert de keurige knoop waarmee Lisa de zak heeft dichtgemaakt en
scheurt het plastic kapot. De boterhammen tuimelen eruit en de man propt er een
in zijn mond zonder acht te slaan op het beleg op het aanrecht. Terwijl hij eet,
houdt hij Lisa met één oog in de gaten.
Ze bekijkt het tafereel vol verbazing. Die man is uitgehongerd! In tweestrijd
kijkt ze hoe hij alles naar binnen propt. Als ze alleen was geweest zou ze er
zeker snel vandoor zijn gegaan.
Maar met Anouk zal ze niet ver komen. Het beste wat ze kan doen, is proberen hem
duidelijk te maken dat ze niet de vijand is, dat ze hem wil helpen.
Met bevende handen opent ze de koelkast en steekt haar hand erin. Op hetzelfde
moment omvat een grote hand haar arm in een stalen greep. Een agressief gezicht
is opeens heel dichtbij, maar als hij ziet dat Lisa een doos eieren in haar hand
heeft, ontspant de man.
‘Ik… ik dacht, ik zal een eitje voor je bakken,’ stamelt Lisa. ‘Heb je daar trek
in?’
De angstige, onderdanige klank in haar stem bevalt haar niet, maar de man laat
haar arm los.
Met trillende benen loopt ze naar het aanrecht en doet een kastje open. Zo kalm
mogelijk, zonder onverwachte bewegingen, pakt ze een koekenpan en gaat aan de
slag.
Te dichtbij, hij staat veel te dichtbij. Lisa’s handen omklemmen het pakje
boter. Daar zal ze een stukje van af moeten snijden, maar ze vestigt liever niet
zijn aandacht op een mes.
De boter is koud en hard en ze moet lang peuteren voor de verpakking eraf gaat
en ze met haar vingers een stuk kan afbreken. Snel gooit ze de kluit in de pan
en veegt haar vette vingers af aan haar spijkerbroek.
Sissend smelt de boter in de pan. Even later vallen de eieren erbij, maar ze
heeft ze zo onhandig gebroken dat ze de stukjes eierschaal er weer uit moet
vissen. Ook met het zout en de peper gaat ze te kwistig om. Het ergert haar dat
ze de controle over haar handelingen kwijt is, en tegelijk voelt ze de behoefte
om bezig te blijven en zo de schijn op te houden dat ze de situatie meester is.
Langzaam en weloverwogen draait ze zich om naar de koelkast en deze keer laat
hij haar begaan. Kaas en ham belanden schots en scheef op de eieren, waarvan de
dooiers langzaam stollen. Het gas kan nu lager en met een metalen schuimspaan
licht ze het spiegelei af en toe op. Het voelt goed om iets in haar hand te
hebben dat als wapen kan dienen, al is het nog zo minimaal.
Gebiologeerd staart de man naar de eieren. Hij snuift de etensgeur op en opeens
duwt hij Lisa ruw opzij, haalt de pan van het vuur en kwakt de gebakken eieren
op de broodplank.
Met zijn handen pakt hij ze op en verdeelt het gerecht over twee boterhammen,
die hij vervolgens staand opeet.
Met haar rug tegen de betegelde muur gedrukt kijkt Lisa toe. Goeie god, wat kan
die man eten. Als hij nog grotere happen neemt, stikt hij er nog in.
Maar de man slikt iedere hap gewoon door en valt dan uit naar Lisa. Er ontsnapt
haar een gesmoorde kreet, maar hij rukt alleen de koelkast open en haalt er een
pak melk uit. Met de opening aan zijn mond klokt hij de inhoud naar binnen,
knoeiend over zijn ongeschoren kin en zijn kleren.
Buiten adem van schrik leunt Lisa tegen de muur. Wat zal er nu op zijn programma
staan? Zou ze gewoon weg kunnen lopen om iemand te bellen, of er met Anouk
vandoor kunnen gaan? Nee, ze moet voorkomen dat ze zijn agressie opwekt. Haar
huis ligt net iets te afgelegen om de gok te wagen. In haar eentje zou ze het
wel hebben geprobeerd, maar niet met een ziek kind.
Haar enige kans is iemand bellen. Haar mobiel ligt op het dressoir, ze hoeft
alleen maar 112 in te toetsen.
Nieuwsgierig naar het nieuwe boek van Simone van der
Vlugt?
Het je een mening over haar vorige boeken of wil je discussiëren met andere
liefhebbers van haar thrillers? Op het Ezzulia forum is een apart topic
gemaakt over (en met) Simone van der Vlugt en daar kan je ook terecht als je vragen hebt
over haar werk.
Klik hier voor het Simone van der Vlugt topic op het Ezzulia forum.
Kijk hier voor een overzicht van de columns van Simone van der Vlugt voor Ezzulia.
Wil je de recensies lezen die wij schreven over de boeken van Simone van der Vlugt? Klik dan hier.
De website van Simone van der Vlugt:
http://www.simonevandervlugt.nl/index.php