PAUL HARLAND PRIJS
FANTASTIEK EN HOKJESDENKEN
Door: Martijn Lindeboom
6
januari 2012 | De
Paul Harland Prijs is de oudste en meest gerenommeerde
schrijfwedstrijd voor sciencefiction-, fantasy- en
horrorverhalen in het Nederlandse taalgebied. De PHP wil de
fantastiek (en dan speciaal die uit Nederland en België) uit
het literaire verdomhoekje halen.
Op 4 februari wordt de uitslag van de schrijfwedstrijd
bekendgemaakt tijdens de Paul Harland Dag in Utrecht. Na de
uitslag worden ook workshops en panels georganiseerd, die
behalve voor schrijvers, ook voor lezers en liefhebbers van
de fantastiek interessant zijn.
Hokjesdenken
Het grote publiek weet onmiddellijk wat we bedoelen als we het over fantasy hebben: “Elfen, draken en eindeloze tochten door fantastische landschappen”. Idem dito voor sciencefiction: “Ruimteschepen, laserstralen en eindeloze tochten tussen de sterren”. Horror? “Domme tieners, die één voor één afgeslacht worden door een gek en eindeloze tochten door de hel”.
En het oordeel daarover: “Rotzooi, pulp, kinderachtig, stom: links laten liggen.”
Liefhebbers van de fantastische genres weten natuurlijk beter. Maar hoe kun je dat nu een beetje soepel duidelijk maken, zonder als zonderling weggezet te worden? Achtergrondinformatie over de fantastische genres en voorbeelden kunnen helpen om die vooroordelen weg te nemen. Dit artikel is deel één van een serie die daaraan bij wil dragen.
Twee
veel voorkomende vooroordelen wil ik hierbij kort
behandelen: ‘fantastiek is pulp’ en ‘Nederlandse fantasy kan
niet wat wezen’.
Fantastiek in
de mainstream
Veel literaire lezers denken dat fantastiek en pulp aan
elkaar gelijk staan. Om daar wat tegenin te brengen
(afgezien van de wet van Sturgeon) zijn er allerlei
mainstream auteurs te noemen die fantastiek schrijven, of
fantastische thema’s gebruiken. De ontdekking van de Hemel
van Harry Mulisch, De kellner en de levenden van Simon
Vestdijk, veel van het werk van Hubert Lampo en Blokken van
F. Bordewijk vind ik mooie, klassieke voorbeelden. In het
buitenland zijn er natuurlijk veel meer auteurs van
literaire fantastiek te vinden. Denk aan George Orwell, Bram
Stoker, Haruki Murakami, Mary Shelley, Doris Lessing, H.G.
Wells en Jules Verne. En wordt In de ban van de ring van
J.R.R. Tolkien niet inmiddels ook als literatuur gezien?
Fantastiek in
Nederland
Daarnaast heerst onder lezers die wel van fantasy,
sciencefiction en/of horror houden, soms het vooroordeel dat
goede fantastiek uit het buitenland komt. Sinds de jaren
zeventig is een mooi aantal Nederlandse sciencefiction-,
fantasy- en horrorauteurs bij reguliere uitgeverijen
gepubliceerd. Denk aan Peter Schaap, Wim Gijsen, W.J.
Maryson en anderen. En de afgelopen jaren lijkt de schroom
voor het uitgeven van Nederlandse auteurs wat af te nemen,
wat prachtige publicaties heeft opgeleverd, van bijvoorbeeld
Adrian Stone (Ad van Tiggelen), Thomas Olde Heuvelt, Paul
Evanby (Paul Evenblij), Natalie Koch, Tais Teng (Thijs van
Ebbenhorst Tengbergen) en Jack Lance (Ron Puyn) bij
Meulenhoff/Boekerij, Querido, Verschijnsel en Luitingh. Ons
taalgebied is kleiner dan bijvoorbeeld het Engelse, maar dit
zijn uitstekende auteurs, met fantastische boeken.
101 open hokjes
De organisatie van de Paul Harland Prijs heeft het op zich
genomen om de fantastiek transparanter te maken en de genres
en stromingen die soms door de clichébeelden van het grote
publiek ondergesneeuwd raken naar de oppervlakte te halen.
Fantasie moet zich niet in een hokje laten drukken of aan te
strikte regels voldoen. Tuurlijk zijn er genres, subgenres,
parodieën op genres en anti-genres, maar al die hokjes zijn
niet dicht en beperkend, maar juist open en elkaar
stimulerend. Daarom zijn we een essayserie gestart onder de
titel ‘De 101 open hokjes van de fantasie’ waarin we
schrijvers, uitgevers, journalisten en kenners aan het woord
laten over de fantastiek in al haar vormen.
Serie essays op
Ezzulia
Deze maand verschijnt er een serie artikelen hier op Ezzulia
over (sub)genres van de fantastiek. Ze zijn geschreven voor
lezers en schrijvers, met het doel vergezichten te schetsen
van al het moois dat er in de fantastische genres te vinden
is.
U kunt essays verwachten over Magisch realisme (Thomas Olde
Heuvelt), Klassieke fantasy (vóór Tolkien, Frank Norbert
Rieter), Steampunk (Paul Evanby) en SF als Sociale Fictie
(Roelof Goudriaan). Op de website van de
Paul Harland Prijs staan al acht eerdere afleveringen
uit deze serie (over Literaire superhelden, Sciencefiction,
Epische fantasy, Sciencefiction als toekomstvisie,
Cyberpunk, Crossover fantasy, Horror en Nippon noir).
Noot voor schrijvers: uw fantastische verhalen van maximaal
10.000 woorden zijn welkom voor de Paul Harland Prijs 2012
(deadline ergens in juli, houd de website in de gaten).
Wie is Martijn Lindeboom?
Martijn Lindeboom is schrijver, performer, Taekwon-Do leraar en organisator. Hij heeft inmiddels meer dan zestig verhaalpublicaties en zeven boeken op zijn naam staan, meest recent het historische verhalenboek Schatten uit de schaduw. Daarnaast treedt hij regelmatig op als verhalenverteller, docent ‘Schrijf geschiedenis!’ en als krijgsmeester Qu’Mar Ti-jin. Ook organiseert hij de schrijfwedstrijd voor fantastische verhalen, de Paul Harland Prijs.
Fotobewerking door Remco Nieboer
Website:
http://www.reer-art.nl
Reageer op dit artikel
Dat kan op het forum van Ezzulia, waar een apart topic is aangemaakt over de Paul Harland prijs en deze reeks met essays.
Kijk hier voor dit topic op het Ezzulia forum


