Skip to: site menu | section menu | main content

 

Currently viewing: www.ezzulia.nl » Grote Interviews






































































 





















































































































 

 

 


 


 


 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

Ezzulia interview
Yangzom Brauen

Door Natasza Tardio | Ezzulia.nl
 


31 mei 2010 | Tibet, 1959, Kunsang leidt al sinds haar zesde een rustig leven in een afgelegen klooster in de Tibetaanse bergen, tot op een kwade dag de rust wordt verstoord door de komst van een Chinees bezettingsleger. Samen met haar man en twee dochtertjes vlucht ze naar India. Het is een verschrikkelijke tocht door met ijs en sneeuw bedekte bergen, maar uiteindelijk bereiken ze India, waar ze een moeizaam leven in ballingschap tegemoet gaat.

In Sneeuwland vertelt Yangzom Brauen over het veelbewogen leven van drie generaties Tibetaanse vrouwen. Het is een indrukwekkend verhaal over doorzettingsvermogen, geweld, liefde en de wil om zich niet te laten onderdrukken. In Amsterdam sprak Natasza Tardio met Yangzom Brauen over haar boek en haar familie. Het werd een interessant en indrukwekkend gesprek, met een vrouw die op een prachtige manier het leven van haar familie in kaart heeft gebracht.

 


"Loslaten en de dingen nemen zoals ze zijn"


Yangzom, zou je iets meer over jezelf vertellen?

Ik woon in Los Angeles en werk daar als actrice. Ik ben daar ongeveer drie jaar geleden gaan wonen, nadat ik al eerder van Zwitserland naar Berlijn was verhuisd. Om eerlijk te zijn vond ik LA verschrikkelijk in het begin. Er was geen centrum en ik kon maar moeilijk aarden. Nu is dat anders. Ik woon in de Mexicaanse buurt en vind het daar heerlijk.
 

Dus je bent eigenlijk actrice?

Klopt. Ik heb aan de theateracademie in Bern gestudeerd, maar vond dit uiteindelijk te beperkt. Daarom richtte ik mijn eigen reizende theatergroep op, waarmee we een stuk lieten zien dat ‘Everest 96’ heette. Ik speelde daarin een Tibetaanse journalist. Er kwamen veel fictieve conversaties in voor. Het stuk werd grotendeels geïmproviseerd, maar er werd ook een rode lijn in gevolgd. Daarbij deed ik televisiewerk. Uiteindelijk verhuisde ik naar Berlijn en werkte daar aan een documentaire over de Tibetaanse pelgrimage.
 

Sneeuwland is jouw eerste boek. Wat heeft jou doen besluiten om het leven van jouw familie, en dan met name van je oma en moeder, op te schrijven?

Het idee om een boek te schrijven over mijn familie en dan met name hoe onze familiegeschiedenis impact heeft gehad op de vrouwen in mijn familie, speelde al een aantal jaren. Het verhaal van mijn grootmoeder (Kunsang) en wat zij heeft meegemaakt en moeten doorstaan, is zo indrukwekkend, dat we op de een of andere manier haar leven wilden vastleggen. Mijn jongere broer was daarom al begonnen met haar op film te interviewen. Toen in 2008 de opstand in Tibet plaatsvond werd ik veel gevraagd voor interviews, met name in Duitsland. Op dat moment realiseerde ik me dat het juiste moment om iets op papier te zetten was aangebroken en ben ik begonnen met schrijven.
 

Sneeuwland is een indrukwekkende familiegeschiedenis die bijna 100 jaar beslaat. Vooral het leven van je grootmoeder wordt hierin belicht.

Klopt. Haar leven is niet alleen indrukwekkend, maar getuigt ook van kracht en vertrouwen. Iets dat ik altijd enorm in haar heb bewonderd.
 

Ze was een Tibetaanse non en al vanaf zeer jonge leeftijd wist ze dat ze non wilde worden.

Inderdaad. Ze heeft al vanaf haar vijfde het gevoel gehad dat het worden van non haar roeping was. Vaak als ik haar hier naar vraag zegt ze dat iedereen een roeping heeft. In mijn geval is dat acteren, iets dat ze heel erg bewondert, maar in haar geval was het haar religie.
 

Ondanks dat jouw oma een boeddhistisch non was, kreeg ze vijf kinderen, waarvan er drie al vlak na de geboorte overleden. Hoe ging ze daar mee om?

Dat drie van haar baby’s al snel na de geboorte overleden was voor haar moeilijk, maar als boeddhist gelooft ze dat het speciale kinderen zijn, die voor het lijden zijn behoed. In wezen zijn ze dus beter af en treuren zorgt er alleen maar voor dat hun ziel niet de kans krijgt om op een goede manier te reïncarneren. Dat wil natuurlijk niet zeggen dat ze geen verdriet heeft gekend. Het was voor haar heel moeilijk om telkens weer een kind te moeten verliezen en ze deed er dus ook alles aan om dit te voorkomen. Veel praat ze hier niet over. Volgens haar geloof hou je de ziel van de overledenen vast door te blijven treuren en naar foto’s te kijken.
 

Was het voor een non wel mogelijk om te trouwen en kinderen te krijgen?

Het is voor mijn oma nog steeds moeilijk om daar over te praten. In de boeddhistische orde die zij volgt is dit bij uitzondering mogelijk en als non kreeg ze toestemming. Zoals ik al zei gebeurt dit soms in uitzonderlijke gevallen. Maar natuurlijk is het niet iets dat ze prefereerde. Het verliefd worden op mijn grootvader, die zelf monnik was, overkwam haar en gelukkig zijn daar ook hele mooie dingen uit voorgekomen. Ik bijvoorbeeld (lacht).
 

Op je zesde ging je samen met jouw familie terug naar Tibet. Hoe heb je deze reis, maar vooral Tibet ervaren?

Voornamelijk als een groot avontuur. Ook wist ik dat ik daar niet zou blijven en dat het slechts voor een korte periode zou zijn. Mijn veilige wereld in Zwitserland was altijd binnen handbereik en dus kon ik onbezorgd genieten van de vrijheid die ik daar had. Ik had het gevoel dat ik Pippi Langkous was, mijn grote held in mijn jeugd.

Op wat voor manier was Pippi jouw grote held?

Dat begon eigenlijk toen ik het boek las. Als kind kreeg ik daarvan een gevoel van onoverwinnelijkheid. Pippi kon alles en deed alles. Ik vond dat gewoon geweldig.
 

En dat gevoel ervoer je ook tijdens jouw reis naar Tibet?

Inderdaad! Het was geweldig dat ik daar met mijn handen kon eten, bestek was er gewoon niet. Omdat Tibetanen zich veel minder wassen, waren er geen badkamers en werd ik door mijn moeder in de rivier gewassen. De kou hinderde me niet, ik vond het vooral een groot avontuur.
 

Waren er ook dingen die je niet zo fijn vond toen je daar was?

Jazeker. Ik kan me herinneren dat ik de ‘toiletten’ echt vreselijk vond. Het waren gewoon gaten in de grond en die gaten waren zo groot, dat mijn moeder me moest vasthouden. Dit om te voorkomen dat ik er in kon vallen. Ik vond het eng en het stonk enorm. Ik kende dat helemaal niet en de geur zal me altijd bij blijven.
 

Wat heeft de grootste indruk op je gemaakt tijdens deze reis?

Dat was absoluut de overtocht over de brug. Het was de laatste hindernis om bij het dorp van mijn oma te komen. Het was een grote hangbrug die over een wild stromende rivier ging. Ik was doodsbang dat ik naar beneden zou vallen. Uit de verhalen wist ik dat niemand dat ooit had overleefd. Ook het nauwe pad dat om de berg leidde vond ik zeer indrukwekkend.
 

Hoe was het voor jouw moeder om weer terug te keren?

Voor mijn moeder (Sonam) was het uiteraard heel anders. Met name heel confronterend. Ze is ook nog terug gegaan naar het huis waar ze toen samen met mijn grootouders leefde. Er waren alleen nog maar wat stenen over en voor haar was het dus zeer confronterend om te ervaren hoe alles was geworden na de inval van de Chinezen. Alles wat ze kende was verdwenen of vernietigd. Zelfs de eindeloze bossen waar ze altijd op uitkeek waren door de Chinezen omgehakt. Deze commerciële ontbossing vond plaats in heel Tibet. Het hout werd getransporteerd naar China, maar er werd nagelaten om nieuwe bomen te planten. Op deze manier is er veel van de ongerepte natuur van Tibet vernietigd en grote schade aangedaan. Het is slechts een van de vele vreselijke misdaden die de Chinezen in Tibet hebben gepleegd en nog steeds plegen.
 

Was het voor je oma en moeder niet moeilijk om een visum voor Tibet te krijgen. Ze waren immers gevlucht voor de Chinese onderdrukkers?

Mijn moeder is inmiddels Zwitserse, maar mijn oma staat geregistreerd als vluchteling. Het was dan ook belangrijk dat ze geen stempel in haar paspoort kreeg. Wat betreft de visa, het afgeven hiervan verschilt telkens weer. Het ligt aan de politieke sfeer en omstandigheden en vooral aan hoe de wind waait aan de Chinese kant. Soms geeft de Chinese overheid visa uit en soms weer niet. Voor Tibetanen blijft dat altijd lastig, maar het is nog veel lastiger om in Tibet te wonen. De Tibetanen daar lijden erg onder discriminatie. Zelfs de Tibetanen die helemaal niet aan politiek doen. Mijn nicht woont in Lhasa en heeft al heel vaak haar baan verloren. Niet omdat ze politiek geëngageerd is, maar gewoon, omdat ze Tibetaanse is. Ook wanneer er donaties worden gegeven aan boeddhistische kloosters gaat dit geld naar de Chinese overheid. Tibetanen hebben gewoon heel weinig rechten.
 

Heb je het verhaal alleen geschreven?

Ja, ik heb het alleen geschreven. Elke keer als ik een hoofdstuk gereed had stuurde ik het naar mijn moeder en vader. Zij waren ontzettend belangrijk voor de details. Met name mijn moeder speelde hier een grote rol in. Zij was er tenslotte bij geweest en had alles zelf mee gemaakt. Geuren, beelden, herinneringen, dat soort dingen kon zij me vertellen. Op deze manier kon ik dit in het boek verwerken. Mijn vader was weer op een ander vlak van groot belang. Hij is antropoloog en kon me veel vertellen over religie en politiek.
 

Toch ben je niet al te diep ingegaan op religie en politiek. Je hebt het verhaal heel erg persoonlijk gehouden.

Dat is inderdaad goed opgemerkt en was ook mijn bedoeling. Natuurlijk heb ik een mening over hoe de Chinezen zijn omgegaan met Tibet en met name met de Tibetaanse bevolking, maar ik wilde een verhaal schrijven over mijn familie en hoe zij hun leven hebben ervaren. Ik wilde er geen politiek of religieus manifest van maken.

Hoe reageerde jouw grootmoeder op het boek?

Mijn grootmoeder is een intelligente vrouw, maar ze heeft nooit leren lezen. Ik kon haar het boek dus alleen laten zien. Het is moeilijk te zeggen hoe zij zich erover voelt. Voor haar was het heel vreemd dat ik haar leven op papier wilde zetten. Hoewel ze toestemming had gehad om te trouwen en kinderen te krijgen, heeft ze hier toch een zekere schaamte voor. Het is dan wel toegestaan in bepaalde gevallen, maar het is natuurlijk niet het beste voor een Tibetaanse boeddhistische non. Ze is natuurlijk wel trots op haar kinderen en kleinkinderen, maar had niet de behoefte om dit te delen met de rest van de wereld. Mijn moeder heeft haar uitgelegd dat het heel erg belangrijk is om ons, maar vooral haar verhaal, te vertellen. Het boek zou andere mensen kunnen helpen, ook met betrekking tot hun kennis van het boeddhisme. Met deze motivatie in haar achterhoofd stemde ze uiteindelijk toe.

Ze vond de cover van het boek ontzettend mooi. Het is een foto waarop mijn oma, mijn moeder en ikzelf staan, gemaakt door mijn broer. Af en toe is het wel vreemd voor haar, mensen herkennen haar zo nu en dan op straat. Ze is ook niet veel veranderd en draagt nog steeds haar bordeauxrode chupa en haar korte, nu inmiddels witte, haar.
 

Hoe zou jij je oma omschrijven?

Als een sterke vrouw, met doorzettingsvermogen, een diep gevoel voor spiritualiteit en een groot gevoel voor humor. Alleen niet over religie (lacht). Als we haar daar mee pesten, dan wordt ze altijd heel erg boos. Maar het leuke aan haar is wel dat ze erg vergevingsgezind is en al naar een paar minuten weer grapjes maakt. Wat haar ook erg bijzonder maakt is dat ze erg open staat voor alles. Ze is niet gehecht. Naar vreemde landen gaan is voor haar absoluut geen probleem en waar ze ook gaat, ze neemt haar geloof met zich mee. Haar mala (boeddhistische kralenketting) en haar chupa zijn de weinige dingen die ze altijd bij zich draagt. Haar dagelijkse gebeden kan ze overal doen. Je kan dus zeggen dat ze met recht een gelukkig mens is.
 

Was het moeilijk om Sneeuwland te schrijven?

Het begin, hoe ik het boek moest starten, was eigenlijk het moeilijkst. Welke stijl, moest ik wisselen tussen de vrouwen, of moest ik alleen vanuit het perspectief van mijn oma schrijven? Moest ik verschillende meningen en ervaringen door elkaar mixen en moest ik chronologisch of juist niet chronologisch schrijven? Er waren veel vragen waarop ik niet direct een antwoord wist. Uiteindelijk besloot ik om het chronologisch te schrijven. Wat ik ook lastig vond, was dat ik niet precies wist hoeveel politiek of religie ik in het verhaal moest verwerken. Het moest niet te academisch worden. Ook mijn kennis van de Tibetaanse taal was soms te beperkt om alles te begrijpen. Met mijn oma spreek ik basis Tibetaans en dat is voldoende, maar om alles te begrijpen van de religie had ik mijn vader nodig. Ik stelde hem dan de vragen en hij vroeg deze dan in het Tibetaans aan mijn oma.
 

Speelt het boeddhistische geloof een grote rol in jouw leven en zo ja, op welke manier?

Natuurlijk speelt het boeddhistische geloof een belangrijke rol in mijn leven. Ik ga echter niet naar kloosters en ook zeg ik niet snel dat ik boeddhistisch ben. Niet omdat ik me hiervoor schaam, integendeel, maar omdat ik geen praktiserend boeddhist ben zoals mijn oma. Toch heeft het boeddhisme een grote invloed in mijn leven. Voornamelijk door de invloed die het heeft op hoe ik naar de wereld kijk en er mee om ga. Het helpt me bij mijn werk als actrice, hoe ik om moet gaan met mijn ego. Het helpt me om te gaan met jaloezie en hoe ik anderen moet respecteren en accepteren. Tenslotte wil iedereen hetzelfde, namelijk gelukkig zijn. De boeddhistische zienswijze houdt alles in balans en laat me telkens weer realiseren dat mijn problemen klein zijn in vergelijking tot vele andere problemen. Ik doe wel boeddhistische gebeden, dat heb ik van mijn grootmoeder geleerd, die continue bidt. Toen ik drie jaar geleden naar LA verhuisde, heb ik het de eerste twee jaar behoorlijk zwaar gehad. Hierbij hielp mijn boeddhistische levensinstelling. Loslaten en de dingen nemen zoals ze zijn.

 


Over Natasza Tardio:
Natasza Tardio heeft een enorme drive voor schrijven, literatuur en journalistiek. Als freelance journalist, tekstschrijver, schrijfcoach en literair agent heeft ze ervaring in alle aspecten van het schrijversvak.

Naast het zelf schrijven van boeken, begeleidt ze schrijvers bij het schrijven van hun roman. Ook werkt ze als literair agent, journalist, doet aan manuscript beoordeling en heeft al een aantal jaren ervaring met het redigeren van romans, korte verhalen, zakelijke teksten en (commerciële) artikelen.

Voor meer informatie: www.nataszatardio.nl

 


Sneeuwland
Auteur: Yangzom Brauen
Oorspronkelijke titel: Eisenvogel: Drei Frauen aus Tibet
Uitgeverij De Boekerij
ISBN: 978 90 225 5396 1
Paperback
Prijs: € 19,95
Verschenen: mei 2010



 

 

 

 


 

 

 

 

Tibet, 1959. Het rustige leven van Kunsang in een afgelegen klooster in de Tibetaanse bergen wordt ruw verstoord door de komst van een Chinees bezettingsleger, en Kunsang vlucht met haar zesjarige dochtertje Sonam naar India. Wanneer Sonam als jonge vrouw een knappe Zwitser ontmoet, aarzelt ze geen moment en gaat met hem mee naar Europa. De liefde voor haar land van herkomst zit haar echter in het bloed. Een liefde die van moeder op dochter wordt doorgegeven, want nu is het Sonams dochter Yangzom die strijdt voor het land van haar moeder en grootmoeder.

Yangzom Brauen vertelt over het veelbewogen leven van drie generaties uit Tibet: over heimwee, vervolging en angst, over dood en verdriet en over de wil om zich ondanks alles te blijven verzetten. Het is het verhaal van een wereld in verandering, waarin het leven van een enkeling net zo weinig waard is als het lot van een heel volk. 
 


Wil je reageren op dit interview?

Dat kan op het forum van Ezzulia, waar een apart topic is aangemaakt voor de discussie over dit interview met - en de boeken van - Yangzom Brauen.

Kijk hiervoor op ons boekenforum.

 


Interviews

Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week komen daar weer nieuwe bij. Kijk hier voor het overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de grotere interviews.

 


 

 

Terug naar boven