Skip to: site menu | section menu | main content

 

Currently viewing: www.ezzulia.nl » Grote Interviews


























 





 




 


 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


 

Ezzulia Interview
Simone van der Vlugt

Door Kim Moelands | Ezzulia.nl
Foto's: Merlijn Doomernik (gebruikt met toestemming)


28 januari 2009 | Samen met Saskia Noort en Esther Verhoef is Simone van der Vlugt één van de meest succesvolle Nederlandse thrillerauteurs. Van haar vorige boek, Blauw Water, werden in de eerste weken meteen 100.000 exemplaren verkocht. Deze maand verscheen met Herfstlied de vijfde thriller van Simone van der Vlugt. Hoofdpersoon is de journaliste Nadine die verstrikt raakt in het web van een moordenaar.

Kim Moelands las Herfstlied met veel plezier en had daarna een gesprek met Simone van der Vlugt.
 


"Met commentaar van lezers doe ik meestal niet zo veel"


Je hebt al een aantal thrillers geschreven. Ben je ooit bang dat de inspiratie voor een nieuw verhaal stopt?

Ja, alleen begrijp ik niet waar ik die vrees vandaan haal. Mijn eerste boek is in 1995 verschenen, ik ben begonnen met historische jeugdboeken, en vanaf dat moment heb ik eigenlijk altijd twee of drie boeken in mijn hoofd gehad om mee verder te gaan en dat is nog steeds zo. Dus, ja de angst is er, maar er is geen enkele aanleiding voor.
 

Hoe ontstaat bij jou een idee voor een nieuw boek?

Het gaat eigenlijk heel geleidelijk. Ik krijg steeds opnieuw een klein puzzelstukje aangereikt. Het begint met een vaag ideetje, soms heb ik er wel tien. Negen verwerp je en de tiende blijft hangen maar is nog geen boek. Het is zelfs nog niet eens een hele verhaallijn en meestal vallen alle puzzelstukjes op zijn plek terwijl ik schrijf aan een boek. Dus het is ook niet zo dat ik daar maar de hele dag op ga zitten broeden. Het is ook wel eens zo dat ik een puzzelstukje krijg aangereikt waar ik even niks mee kan, maar wat dan misschien wel weer leuk is voor het boek daarna. Bij mij ontstaat het ene boek terwijl ik het andere schrijf. En als ik dan klaar ben dan kan ik eigenlijk gelijk weer verder met iets nieuws. Dan heb ik het toch wel weer ontwikkeld in mijn hoofd. Dat is heel fijn. Ik archiveer alles wat ik zie of bedenk systematisch in schriftjes en dossiers. Dan staat er bijvoorbeeld ‘boek over dat’ of ‘moord daar en daar’ en voor je weet heb je weer een volle map waar je mee aan de slag kunt.
 

Bij welk personage in Herfstlied voel je je het meeste betrokken?

Bij de hoofdpersoon Nadine. Je voelt je natuurlijk altijd het meest betrokken bij je hoofdpersoon, tenzij je er meerdere hebt. In Herfstlied is Nadine echt de hoofdpersoon. Dat komt omdat ze journaliste is, maar eigenlijk graag schrijfster wil worden dus in dit geval is het wel heel voor de hand liggend dat ik voor haar kies. Haar weg naar het schrijverschap is niet de mijne, maar het is wel dezelfde droom natuurlijk. Ik geef haar eigenlijk ook wel heel veel van mezelf. Dat doe ik bij ieder personage trouwens, ze krijgen allemaal een ander stukje van mij. Nadine krijgt weer een ander stukje dan de personages in mijn vorige boeken.
 

Is het lastig om een favoriet te kiezen als je met meerdere hoofdpersonen werkt?    

In mijn boek Schaduwzuster had ik twee hoofdpersonen, twee zussen, een tweeling. Het is dan praktisch onmogelijk om een favoriet te kiezen. Weet je wat het is, die twee zussen gaf ik ook allebei dingen van mezelf. Toch zijn ze verschillend genoeg omdat je eigen persoonlijkheid ook uit meerdere facetten bestaat.
 

Schrijfster Laura Wilson deed de volgende uitspraak toen ik haar in 2006 interviewde: “Wij thrillerschrijvers zijn eigenlijk hele aardige mensen, ondanks onze bloeddorstige verhalen. Wij vechten en moorden in onze boeken en hebben daardoor geen agressie meer over voor het dagelijks leven.” Ben je het met deze uitspraak eens?

Ik schrijf vanuit een andere emotie dan Laura Wilson. Ik schrijf niet vanuit de behoefte om mijn agressie te onderdrukken, eerder om mijn eigen angsten te bezweren. Dat is natuurlijk een heel ander uitgangspunt. De hoofdpersonen in mijn boeken zijn geen daders, maar slachtoffers en dan keer je het eigenlijk meteen al om.
 

Bij hoofdpersoon Nadine, die ook schrijfster is, is schrijven soms iets dat ‘moet’. Hoofdstukken zingen in haar hoofd en zwijgen pas als ze geschreven zijn. Werkt dat bij jou hetzelfde? En ga jij net als Nadine zo op in de flow van het verhaal dat je er onderdeel van wordt?

Ja. Het is af en toe echt zwaar vermoeiend. Herfstlied was ergens van de zomer al af. Ik heb daar het afgelopen half jaar nog wel wat dingetjes aan veranderd, maar eigenlijk ben ik vanaf de zomer al aan een ander boek begonnen. Ik zit nu in de fase dat dat weer bijna klaar is en in zo’n laatste periode gaat het zo met je aan de haal. Het is heerlijk maar ook heel zwaar. Ik ga ermee naar bed en sta ermee op. Ik word ’s morgensvroeg wakker en dan krijg ik ideeën of zinnen in mijn hoofd en dan denk ik ‘Nee, nee, nee nu nog niet, het is pas 6 uur alsjeblieft...’ Maar dan is er geen houden meer aan. Dan weet ik precies hoe het laatste hoofdstuk moet beginnen of hoe ik moet eindigen. De prachtigste zinnen komen in me op. En dat is natuurlijk ook logisch want je geest is op dat moment zó ontspannen. Dan doe ik het licht maar weer aan, schrijf alles op en val weer in slaap. Een uur later word ik dan weer wakker en dan komt de rest erachteraan. Het is dan wel heel fijn als het boek af is. Dat je gewoon weer eens een nacht door kan slapen. In de laatste fase neemt je boek een even grote plaats in als je eigen, werkelijke leven.
 

Nadine laat haar werk (haar schrijfclubje uitgezonderd) pas aan iemand lezen als het helemaal af is. Laat jij tijdens het schrijfproces een select clubje meelezen?

Ik laat het eigenlijk alleen maar aan mijn man lezen terwijl ik schrijf. Dat heeft ook een praktische reden, ik heb een gewrichtsprobleem en daardoor kan ik vaak niet typen en maak ik gebruik van een dictafoon. Mijn man typt die stukken vervolgens allemaal voor me uit. Hij krijgt dus sowieso al hele grote delen van het boek mee. Als ik aan het corrigeren sla, dat doe je natuurlijk altijd op papier, dan geef ik die stapel papier aan hem en in die fase krijgt hij dus het hele boek onder ogen omdat hij vanaf bladzijde 1 de correcties gaat invoeren. Dat scheelt voor mij heel veel computeruren. Hij geeft nooit echt commentaar op het verhaal. Dat is eigenlijk ook wel erg prettig dat iemand die zo dicht naast je staat het verhaal gewoon het verhaal laat zijn. Hoogstens kan hij zeggen ‘Ik vind het daar niet zo spannend.’  Maar aan de andere kant is hij ook niet mijn doelgroep dus dat moet ik ook altijd voor ogen houden. We werken dus eigenlijk op een hele praktische manier samen en alleen dingen die echt niet kloppen daar wijst hij me op en dat is heel fijn.
 

Nadine moet na de publicatie van haar boek een signeersessie doen. Kun jij je je eerste signeersessie nog herinneren?

Mijn allereerste was op de Uitmarkt in Amsterdam. Ik heb daar de hele middag gezeten en ik geloof dat ik vier boeken heb verkocht. Eigenlijk nog wel heel veel voor de Uitmarkt haha. De eerste keer dat ik echt helemaal in een boekhandel zat, helemaal aangekondigd enzo kan ik me ook nog wel herinneren. Die boekhandel bleef helemaal leeg. Ik zat ook eens in de Bijenkorf  in de buurt van de toiletten en toen legden mensen een kwartje op mijn bureau alsof ik de toiletjuf was. Of dat ze de hele tijd gingen vragen, ‘Weet u waar het pakpapier ligt of de woordenboeken?’
 

Krijg je veel feedback van mensen die hun boek komen laten signeren?

Meestal zeggen ze: ‘Ik vond het heel spannend’, of ‘Het las als een trein’, eigenlijk vrij algemene zaken. Pas als mensen je echt gaan mailen of aanspreken na een lezing, als er uitgebreid contact is gelegd en ze het gevoel hebben dat ze iets bij je kwijt kunnen, dan komen er wel eens minder algemene dingen naar boven. Dat was bijvoorbeeld met mijn boek Blauw Water dat vorig jaar verscheen. Daarin beschrijf ik een verdrinkingscčne in een auto. Het vrouwelijke slachtoffer heeft geen lifehammer en kan zichzelf niet bevrijden. Ik heb toen een aantal keer gehoord van mensen dat ze na het lezen van Blauw Water een lifehammer hebben gekocht. Die mensen reden toen ook daadwerkelijk het water in en konden ontsnappen door de lifehammer. Dan krijg ik toch wel kippenvel.

Met commentaar van lezers doe ik meestal niet zo veel. Dat is namelijk lastig. Wat de één spannend vindt, vindt de ander weer niet spannend. Je kunt het nooit iedereen naar de zin maken.
 

Je bent een uiterst succesvol schrijfster. Na hoeveel jaar begon je echt fenomenaal te verkopen?

Vier, vijf jaar geleden toen De Reünie uitkwam. In 2004 brak ik pas echt goed door. Als jeugdboekenschrijfster deed ik het ook wel goed, ik denk dat ik iets van 10.000 boeken per jaar verkocht toen. Dat is voor een jeugdboek best behoorlijk wat. Maar als je vervolgens een thriller uitbrengt en je hebt in de eerste week al 20.000 boeken verkocht en na een maand 100.000 dan is dat ineens van een hele andere orde.

Het lukt Nadine steeds maar niet om een uitgever voor haar werk te vinden. Heb jij ooit moeite gehad om een uitgever te vinden?

Eigenlijk niet. Als puber schreef ik al en toen kon ik geen uitgever vinden, achteraf ook logisch. Tussen je dertiende en je twintigste maak je natuurlijk toch een hele ontwikkeling door, dus ook in je schrijven. Ik heb een lerarenopleiding gedaan en daar kreeg ik ook vakken als creatief schrijven waar ik mijn voordeel mee gedaan heb. Toen ik mijn opleiding afhad besloot ik een nieuwe poging te wagen met alles wat ik toen wist. Het werd een historisch jeugdboek. Dat heb ik naar drie uitgevers gestuurd, van twee kreeg ik het terug en van de uitgeverij waar ik heel graag bijwilde, Lemniscaat, kreeg ik een ja. Het was niet zo dat het toen meteen helemaal goed was hoor, ik heb toen zeker nog anderhalf jaar herschreven en eigenlijk zou je kunnen zeggen dat ik mijn schrijfopleiding daar op de uitgeverij heb gekregen Een heel persoonlijke op maat gerichte schrijfopleiding en vanaf dat moment is het eigenlijk altijd wel goed blijven gaan. Toen ik mijn eerste thriller schreef , De Reünie, begon ik natuurlijk weer opnieuw. Je hebt wel ervaring maar je spreekt een heel ander publiek aan,  je schrijft een heel ander boek. Ik heb dat manuscript toen naar tien of twaalf uitgeverijen gestuurd, ook omdat je altijd erg lang moet wachten op een reactie. Als je het om de beurt doet, dan wordt het een vijfjarenplan. De eerste driekwart jaar kreeg ik eigenlijk alleen maar afwijzingen. Ik wilde het allerliefst bij uitgeverij Anthos omdat ze zo succesvol waren met Nicci French en omdat die boeken me ook erg aanspreken. Anthos heeft zich inderdaad ook in mij herkend. Ik denk ook wel dat je de uitgeverij uitzoekt die bij je past als je daar een beetje gevoel voor hebt. Dan klopt het gewoon. Maar toen ik daarvoor zes afwijzingen kreeg ging ik de moed wel zwaar verliezen. Op het moment dat ik er eigenlijk niet meer in geloofde en dacht ‘ik ga maar weer een jeugdboek schrijven’ toen kwam het bericht “we willen het graag hebben”. Dan ga je ineens alle positieve kanten van zo’n boek weer zien. Toen dacht ik ‘Ja ik wist het wel!’
 

Als je zelf aan een boek werkt, lees je dan boeken van collega’s of juist helemaal niet?

In de beginfase lees ik heel veel. Ik wil weten wat er allemaal aan thrillers verschijnt, daarbij vind ik het ook gewoon leuk. Het is mijn genre dus dat lees ik zelf ook graag. Maar als ik in de tweede helft van het boek beland , dan stop ik vaak met lezen. Dan krijgt het verhaal me zo in zijn greep dat er geen ruimte meer is om ook nog de belevenissen van andere personages toe te laten. Ik kan dan ’s avond ook niet naar films kijken. Het leidt af, mijn hoofd is al te vol van mijn eigen personage en van mijn eigen leven en dan nog eentje erbij, dat gaat gewoon niet. Ik ben dan ook gewoon moe. Dan heb ik een hele dag geschreven en meegeleefd en dan kan ik het ’s avonds gewoon niet meer opbrengen om te lezen of te schrijven. Ik ga dan tijdschriftjes lezen, stomme spelletjes op tv kijken, comedy’s enzo. Dat is lekker. Als zo’n boek dan eenmaal af is, dan krijg ik weer zo’n leesmanie. Ik koop intussen namelijk wel van alles. Dan staat er zo’n hele rij boeken op me te wachten en dan denk ik ‘lekker, nou mag ik ze weer gaan lezen!’ Dan is er weer ruimte in mijn hoofd en is het tijd voor een beloning.
 

Bestaat er ook het gevaar als je in de tweede schrijfperiode van je eigen boek wél zou blijven doorlezen dat je ongemerkt delen daarvan in je eigen verhaal zou verwerken?

Dat is altijd zo. Dat gebeurt ook in die periode dat ik nog wel veel lees. Je wordt de hele dag door alles en iedereen beďnvloed. Je hoeft de krant maar open te slaan. Het is natuurlijk wat anders als je letterlijk stukken gaat overnemen, maar ook in de periode dat je niet schrijft wordt je beďnvloed en dat neem je weer mee. Als je een spannend boek leest waar je van verwacht dat het op een bepaalde manier afloopt en het gaat toch anders, dan kun je het zelf gaan schrijven met je eigen ontknoping. Dan is het sec niet jouw idee, maar je zet het wel naar je eigen hand.
 

De titel van je boek is geďnspireerd op het gedicht Herfstlied. Heeft dit gedicht een speciale betekenis voor je?

Het is eigenlijk wel speciaal geselecteerd voor dit boek. Ik had een titel nodig voor mijn boek en ik kwam die muurgedichtenwandeling in Leiden tegen in mijn informatie. Ik ben toen gaan kijken of er een mooi gedicht in stond dat een beetje stemmig klonk en goed bij de emoties van mijn hoofdpersoon aansloot. Ik weet niet hoe ik daar nou opkwam dat ik daar wel eens iets bruikbaars zou kunnen vinden, maar het bleek nog zo te zijn ook. Toevallig was het een gedicht van Paul Verlaine  (Chanson d’automne) waar ik ook een liefhebber van ben, want ik heb Frans gestudeerd. Ik had ook een boek met Franse gedichten in huis waar dit in stond, dus wat dat betreft sloot het ook wel aan bij wat ik zelf mooi vind. Het was bijna of het gedicht door Paul Verlaine voor mij geschreven was om ooit als boektitel te gebruiken. Waarvoor dank!

 


Herfstlied
Auteur: Simone van der Vlugt
Uitgever Anthos
ISBN: 978 90 414 1292 8
Paperback
Prijs: 19,95

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Als journaliste voor de cultuurpagina van het Leidsch Dagblad heeft Nadine het prima naar haar zin, maar eigenlijk zou ze het liefst schrijfster worden. Net als ze erin slaagt een uitgever voor haar werk te interesseren, wordt Leiden opgeschrikt door de moord op een jonge vrouw. Samen met haar collega's zit Nadine boven op het nieuws, waar ze steeds meer bij betrokken raakt. In haar privéleven loopt veel mis en als de vermoorde vrouw uiterlijk een sterke gelijkenis met Nadine blijkt te vertonen, kan ze de gebeurtenissen niet meer als toeval afdoen en beseft ze dat zij en haar zestienjarige dochter Mariëlle gevaar lopen... Vooral als de moordenaar meer slachtoffers maakt, die op de een of andere manier allemaal in Nadine's omgeving verkeren.

 


Wil je reageren op dit interview?

Dat kan op het forum van Ezzulia, waar een apart topic is aangemaakt voor de discussie over de boeken van Simone van der Vlugt.

Kijk hiervoor op ons boekenforum.
 


Interviews

Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week komen daar weer nieuwe bij. Kijk hier voor het overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de grotere interviews.


 

 

 

 

Terug naar boven