Ezzulia interview
Sam Sykes
Door Eric Herni | Ezzulia.nl
29 november 2010 | Twee maanden geleden verscheen bij uitgeverij Mynx de fantasyroman De poorten van de onderwereld van de Amerikaanse auteur Sam Sykes. Al op zeventienjarige leeftijd begon Sykes te werken aan zijn debuut als fantasyauteur en inmiddels is het in een groot aantal landen uitgebracht. Sam Sykes, inmiddels vijfentwintig jaar, is één van de jongste en tevens één van de populairste nieuwe fantasyauteurs in Amerika. De poorten van de onderwereld is het eerste deel in een serie boeken over beroepsavonturier Lenk, die de opdracht krijgt om een manuscript te vinden dat alle noodzakelijke kennis bevat om een doorgang naar de hel te openen. Met zijn eigen team gaat hij op jacht om het manuscript te vinden, ondanks het feit dat de verschillende leden van het gezelschap niet bijster goed met elkaar kunnen opschieten. Maar samenwerking is wel degelijk essentieel om de missie succesvol te voltooien en dat lijkt te mislukken als een demon er met de buit vandoor gaat.
"Succes is een relatief begrip als het over schrijven gaat"

Hoe ben je in contact gekomen met fantasy?
Toen ik klein was las mijn moeder ons altijd verhalen voor. Dat varieerde van sprookjes (voor mijn kleine zusje) via horror verhalen (voor mijn oudere zus) tot avonturen (voor mij). Ik had in allemaal wel mijn plezier, maar naarmate ik ouder werd wilde ik er meer ontdekkingen en verwondering in terug vinden. Actie was ook welkom, maar het waren vooral de verhalen met een hang naar magie die me boeiden. Steeds weer dat gevoel te krijgen dat iets volledig verloren was, tot een van de personages het terug bracht.
Waren bepaalde auteurs of personages favoriet?
De Connan verhalen van Robert E. Howard waren voor mij de revelatie en stilaan groeide ik zo rond mijn veertiende in de richting van fictie in het genre van Dragonlance en Forgotten Realms. Andere kinderen experimenteerden met marihuana. Ik experimenteerde met R.A. Salvatore, een softere drug, maar niet minder verslavend op die leeftijd. Het duurde nog tot ik de sprong maakte naar verhalen met nieuwe werelden met hun eigen wetten en regels, hun eigen culturen, dat ik het gevoel kreeg dat ik zelf ook avontuurlijke fantasy wilde gaan schrijven.
Hoe lang heeft het geduurd eer je jezelf een succesvol auteur kon noemen?
“Succes” is een relatief begrip als het over schrijven gaat. Ben je succesvol omdat je miljoenen verdiend hebt? Is succes niet gepubliceerd worden, maar wel bezig zijn met wat je het liefste doet? Ik kan alleen mijn eigen definitie gebruiken. Ik ben gelukkig als ik aan het schrijven ben. Ik ben gelukkig dat ik bovendien ook nog gepubliceerd word. Ik ben gelukkig omdat mensen mijn boeken kopen. En dat is ongeveer het enige waar ik op het ogenblik over in zit.
Was het moeilijk om je eerste boek gepubliceerd te krijgen?
Ik vond vrij snel een uitgever en ik krijg vrij vaak de vraag hoe ik dat voor elkaar kreeg. En ik geef altijd hetzelfde antwoord: ik heb gedaan wat ik deed en heb me een héél goede impresario uitgezocht.
Waar haal je je inspiratie vandaan?
Inspiratie is een van die dingen die zich niet laten plannen en dat kan best vervelend zijn als je met een verhaal in je hoofd rondloopt. Meestal heb ik een vrij concreet beeld van het boek in mijn hoofd: een begin, een eind en een nogal goed idee hoe ik van het één naar het ander wil komen. Maar het overkomt me ook wel dat ik in de loop van het verhaal op een ander idee kom en dan moet er wel wat aangepast worden. Je weet nooit echt exact hoe een verhaal gaat eindigen vóór het helemaal geschreven is. Of ergens in de loop van het schrijfproces word je door iets zodanig geraakt dat je het wel moét gebruiken. Zo overkwam het me bij het een bezoek aan het Boston Aquarium dat ik een school vissen zag zwemmen. Ze bewogen als één in een vloeiend bewegende solide massa van zilver en wit, zodat je nauwelijks kon zien waar een vis begon of eindigde. Het leek wel een gordijn, water in het water, een levende golf tegen een stilstaande. En ik wist dat ik dit moest gebruiken. Je zal wel merken wat ik bedoel als je boek drie, The Skybound Sea, leest.
Kan je ons iets meer vertellen over je manier van schrijven?
Ik weet dat de meeste
schrijvers elke dag hun vorderingen nagaan door al hun geschreven
woorden te tellen. Naar ik hoor haalt Brandon Sanderson er met
gemak vierduizend per dag (wat naar mijn gevoel het bewijs is voor mijn
theorie dat hij echt een robot is die gestuurd is om de komst van het
machineleger voor te bereiden, maar dat is dan weer een andere
discussie). Zelf blijf ik schrijven tot de stemming omslaat. Ik bedoel:
ik heb een bepaalde emotie nodig om een scene uit te kunnen schrijven.
Ik kan me veel beter concentreren als ik emotioneel betrokken ben bij de
scene, of het nu om een gevecht gaat, een vlucht, een ruzie of een
gedachte. Dan vloeien de woorden zo uit mijn geest. Passages die meer
afstand vergen nemen veel meer tijd in beslag.
Wat is volgens jou de ideale lengte voor een fantasy serie?
Ik heb daar onlangs wat over gediscussieerd op SFSignal, en het blijkt dat er een soort fobie bestaat voor reeksen die meer dan drie boeken tellen. In sommige gevallen ziet men zelfs liever niet méér dan één enkel boek. Ik kan daar wel ergens in komen, want een behoorlijk deel van de vroegere fantasy heeft wel de neiging om eindeloos te blijven ronddraaien, herhalen en eerlijk gezegd is dat puur tijdverlies.
Hoeveel delen ga je zelf schrijven in de serie over Lenk?
Ik moet mijn vorige antwoord meteen nuanceren, want ik herken mijzelf niet echt in die tegenzin. Als een reeks er in slaagt fris te blijven, dan heeft ze het volste recht om voortgezet te worden. Overigens kan ik de grootste bewondering opbrengen voor auteurs die hun verhaal voor verteld houden en niet toegeven aan de drang om een idee eindeloos uit te melken terwijl iedereen doorheeft dat er niets nieuws meer te verwachten is.
Kortom: een serie gaat mee zolang er iets te vertellen valt.
Welk soort fantasy lees je zelf het liefste?
Ik krijg er altijd een beetje een ongemakkelijk gevoel bij als ik zeg dat ik hou van Joe Abercrombie’s werk. Niet dat je je gegeneerd moet voelen over dat werk, let wel, maar ik ken de man persoonlijk. En ik weet verdraaid goed dat – ergens in een afgelegen gat in Engeland - hij lucht krijgt van wat ik hier zeg en dan kruipt er zo’n gemelijk lachje over zijn gezicht omdat ik nog maar eens in het openbaar heb toegegeven dat ik zijn werk graag lees en bewonder.
En naast Abercrombie?
Behalve Abercrombie mag ik wel eens wat lezen van de gevestigde namen: Scott Lynch, George R.R. Martin of een stukje Robin Hobb. Nieuwelingen waarvan ik niet verwacht had dat ze me zo zouden boeien zijn Blake Charlton, N.K. Jemisin en Ari Marmell.
Welke fantasyauteur zou meer aandacht verdienen?
Een schrijver die ik schromelijk ondergewaardeerd vind is Mike Carey van de Felix Castorverhalen. Ik geloof niet dat er een andere schrijver is met een dergelijk gevoel voor morele ambiguïteit en complexe motieven als hij en het is ontstellend dat hij bij fantasy fanaten niet beter gekend is.
Wordt fantasy wel serieus genoeg genomen? Veel mensen beschouwen deze boeken als leesvoer voor kinderen. Stoort je dat?
Ik heb helemaal geen zin om op pad te gaan om mensen te gaan overtuigen dat fantasy geen kinderboeken zijn. Het raakt me niet. Wat me wel stoort is dat andere fantasy auteurs erover klagen en maar blijven doorgaan over hoe ze niet serieus genomen worden door de critici. De gemiddelde fantasy roman verkoopt stukken beter dan de gemiddelde literatuurroman. Het mag dus duidelijk zijn dat de lezer tevreden is, dus waarom zouden we dan onze tijd verdoen met te klagen over het feit dat bepaalde mensen besloten hebben niet van fantasy te houden?
Wat ik doe is het verhaal
schrijven dat ik graag wil schrijven. Als mensen er van houden: fijn!
Als de liefhebbers van het genre er van houden: nog beter! Als die
critici er van houden: hopelijk genieten ze er echt van, maar ik ga echt
mijn verhaal niet verdraaien om een paar mensen ter wille te zijn die
niet eens geïnteresseerd zijn in wat ik doe. 
Wie is het favoriete personage uit je boeken?
Het klinkt vast erg melig, maar ik hou echt van ze allemaal. Ze vertegenwoordigen allemaal een zeker aspect van mij: mijn twijfels, mijn minachting, mijn boosheid, mijn paranoia, mijn liefde en haat. Lenk staat duidelijk erg dicht bij mij, maar dan wel om de verkeerde redenen. Ik was een erg lastig kind (en eigenlijk ben ik ook wel een lastige volwassene) en ik voelde me vaak verloren tussen al die mensen, zelfs tussen die waar ik van hield. Lenk is ook zo: geïsoleerd door zijn eigen angsten en zijn eigen onwil, maar toch met een sterk verlangen om tussen de mensen te zijn.
Hoe zit het met Gariath?
Gariath is dan weer autobiografischer dan ik graag wil toegeven. Mijn onwil heeft er in niet onbelangrijke mate toe bij gedragen dat ik voortdurend strijd moest leveren met mijn gevoelens van boosheid. Je vindt dat heel vaak terug bij Gariath omdat ik die boosheid zo goed begrijp. Het moet vaak andere gevoelens verbergen en dat maakt de dingen meestal veel ingewikkelder dan ze lijken, hoe graag we het ook anders zouden willen. Maar dat is waarschijnlijk al meer dan je in feite over mij zou willen weten.
Welk boek lees je momenteel (of heb je net uit)?
Ik ben op het ogenblik bezig in Warlord’s Shadow van Ari Marmell, het verhaal van een voormalige doorslechte krijgsheer, die het moet opnemen tegen een creatuur dat nog duizend keer slechter is dan hij ooit was. Ik geniet er echt van. Er komen allerlei soorten schepsels in voor (bendes slechteriken, boosaardige volkeren, goede legers, goede koningen) en verdiept zich in het waarom van hun daden en keuzes. Het doet me denken aan mijn eigen werk (vandaar mijn voorkeur, ijdeltuit die ik ben) maar ik hoop wel dat hij het allemaal nog wat dieper uitspit dan tot dusver het geval was.
Ben je momenteel alweer met een nieuw boek bezig?
Van het volgende boek in
de reeks, Black Halo, is de drukproef net klaar. Het
vertelt het verhaal van de avonturiers die eindelijk met zichzelf in het
reine komen terwijl ze trachten te vermijden gekneld te geraken tussen
een leger van woeste vrouwen onder de leiding van een sadistisch
Darwinist en een sekte van evangelistische duivels. Het zou ergens in de
loop van 2011 moeten uitkomen.
Foto 1: Fotograaf onbekend
Met dank aan uitgeverij Mynx
Foto 2:
Fotograaf onbekend
Kijk hier voor de website van Sam Sykes
Met dank aan:
Chrisje Van Hoecke
Eindredactie: Gerd Boeren
Meer over Sam Sykes op
De Boekenplank |
kijk hier
De poorten van de onderwereld
Auteur: Sam Sykes
Oorspronkelijke titel: Tome of the Undergates
Uitgeverij Mynx
ISBN: 978 90 225 5448 7
Paperback
Prijs: € 19,95
Verschenen: september 2010

Avontuur...
Het klinkt machtig mooi als je op de knie van je vader zit, of voor een
publiek dat naar een verteller luistert. Avontuur lijkt dan iets
begerenswaardigs, met de belofte van rijkdom en heldhaftigheid. Maar
voor een avonturier is het vooral hard werken: vies, stoffig, dodelijk
en ook nog eens slecht betaald.
Lenk is beroepsavonturier
en een redelijk succesvolle ook nog, als aanvoerder van zijn eigen
groep. Jammer genoeg heeft hij de bonte bende nauwelijks in de hand.
Voor drakenmens Gariath zijn mensen nauwelijks meer dan prooi. Kataria
de sjict minacht de mensheid, en de mensen in de groep lijken de
vooroordelen alleen maar de bevestigen. Als ze eens een keer geen ruzie
maken over elkaars godsdienst, dan klagen ze over hun betaling en de
arbeidsvoorwaarden. Hun opdracht is het vinden van De Poorten van de
Onderwereld - een manuscript dat alle noodzakelijke kennis bevat om een
doorgang naar de hel te openen. De missie lijkt gedoemd te mislukken,
vooral als een demon er met hun buit vandoor gaat.
Wil je reageren op dit interview?
Dat kan op het forum van Ezzulia, waar een apart topic is aangemaakt voor de discussie over dit interview met - en de boeken van - Sam Sykes.
Kijk hiervoor op ons boekenforum.
Interviews
Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week komen daar weer nieuwe bij. Kijk hier voor het overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de grotere interviews.






