Skip to: site menu | section menu | main content

 

Currently viewing: www.ezzulia.nl » Grote Interviews


Nieuwe recensies op de Ezzulia website:

Erik Menkveld:
Het grote zwijgen





Een universeel verhaal over liefde en afgunst, verlangen en ontrouw, dromen en daden



Carlos María Domínguez:
De blinde kust

Het verhaal roept een aantal visuele beelden op en wordt op een bijna magische manier voor een deel tussen de regels in verteld


Annabel Pitcher:
Mijn zus woont op de schoorsteenmantel

Het is duidelijk dat Annabel Pitcher een grote belofte voor de toekomst is


Niccolò Ammaniti:
Jij en ik

De inhoud van het boek en de essentie van het verhaal zal je mogelijk de rest van je leven bij je blijven dragen


Silvia Avallone:
Staal

Zonder meer een sterk debuut


Adam Foulds:
De dwaaltuin

Een prachtige gelaagde roman


Anne Fortier:
Julia

Een mooi en vlot geschreven verhaal


Torgny Lindgren:
Norrlandse Aquavit

Het is een rustig boekje, boordevol personages die door intense dialogen onvergetelijk worden.


Torgny Lindgren:
De bijbel van Doré

Torgny Lindgren schrijft met veel verbeelding en met veel vaart




Interview met
Jeffrey Moore



Interview met
Alice Hoffman




Alice Hoffman (1952) woont afwisselend in Boston en New York. Ze heeft al twintig boeken geschreven (romans, toneelstukken en kinderboeken), waaronder De ijskoningin en The Third Angel, die veelal buitengewoon lovende recensies krijgen en op de internationale bestsellerlijsten belanden. Enkele van haar romans zijn verfilmd, waaronder Practical Magic met Nicole Kidman en Sandra Bullock.

Kim Moelands interviewde de auteur over haar nieuwste boek De drie zusjes, een aangrijpend en fascinerend verhaal over de bijzondere band tussen drie zusjes, die zwaar onder druk komt te staan. Het is een verhaal over volwassen worden, een familiegeschiedenis, een liefdesroman vol sensueel verlangen, waarin het magische en het alledaagse door elkaar heen lopen, terwijl de meisjes opgroeien en keuzes maken die hen blijven achtervolgen, veranderen en uiteindelijk zullen bevrijden.


































































 




















































 

 

 


 

Ezzulia interview
Rebecca Hunt

Door Kim Moelands | Ezzulia.nl
(Twitter: @KimMoelands)
 


16 juli 2011 | Rebecca Hunt (1979) is afgestudeerd aan de prestigieuze St. Martins kunstacademie in Londen, en inmiddels een gevierd kunstenaar. Ze heeft korte verhalen geschreven die in diverse literaire tijdschriften zijn gepubliceerd. Meneer Chartwell is haar geestige en tegelijkertijd opmerkelijk ontroerende, originele debuutroman waarin ze laat blijken over een rijke verbeeldingskracht te beschikken. Het boek werd meteen genomineerd voor de prestigieuze Guardian First Book Award en is inmiddels in vele landen uitgebracht.

Kim Moelands sprak met Rebecca Hunt over Meneer Chartwell.

 


"Ik vind het erg spannend om weer aan iets nieuws te beginnen"


Kun je je het moment nog herinneren dat je voor het eerst inspiratie kreeg voor Meneer Chartwell

Ik dacht na over de voormalige Britse premier Winston Churchill en over zijn depressieve aard. Hij noemde zijn depressie ook wel ‘zwarte hond’. Daar begon het allemaal mee. Toen ik op een dag van mijn werk naar huis liep, kwam Churchills ‘zwarte hond’ in mijn hoofd ineens tot leven. Het werd een echte, lopende, stalkende, massieve zwarte viervoeter die nog kon praten ook. Ik was meteen enthousiast over de mogelijkheden die dit idee met zich meebracht en wilde er helemaal induiken. Ik heb mijn fantasie het werk laten doen en het resultaat is Meneer Chartwell.

 

Hoe ben je in de huid van mensen met een depressie gekropen? 

Het was voor mij heel belangrijk dat de beschrijving van depressie in Meneer Chartwell zo eerlijk mogelijk zou zijn. Ik ben zelf nooit depressief geweest, zoals de personages in mijn boek, maar ik heb het wel in mijn naaste omgeving meegemaakt. Ik gebruikte deze real-life ervaringen in combinatie met inlevingsvermogen en fantasie om een in mijn ogen waarheidsgetrouw beeld van depressie te geven.

 

Ben je zelf een positief ingesteld mens, of meer een tobber?

Ik ben waarschijnlijk een mix van beide om eerlijk te zijn - een soort van voorzichtige optimist. Als ik mijn algemene houding moest vertalen in een weersverwachting, dan zou ik het volgende zeggen: het was (gematigd) zonnig in de meeste delen van het land, met af en toe flinke stressbuien.

 

Waarom heb je gekozen voor een hond als metafoor voor depressie en geen ander dier? Een hond wordt vaak geassocieerd met loyaliteit en knuffelen en meestal niet met ellende en irritatie.

Depressie is vaak beschreven als een 'zwarte hond', mede door Churchill zelf die een rol speelt in Meneer Chartwell. Ik denk dat de vergelijking van een depressie met een hond op verschillende manieren positief uitpakt. Ik vergroot in Meneer Chartwell de typische kenmerken van de hond en zet ze in een veel donkerder perspectief. Loyaliteit verandert hierdoor in isoleren, het bewaken van de baas wordt opdringerig stalken en toewijding is verbasterd tot agressieve jaloezie. Een hond wordt traditioneel gezien als een trouwe, gedomesticeerde metgezel. In ‘mijn’ incarnatie keert de hond weer terug naar zijn wildere, meer wolfachtige instinct: de ‘zwarte hond’ is ineens niet zozeer een beste vriend maar een vastberaden en gevaarlijk roofdier.

Toen het eerste idee voor Meneer Chartwell ontstond, wist ik gelijk dat de hond, Zwarte Pat, een van de centrale karakters zou zijn. Zwarte Pat is een charismatische en soms humoristische aanwezigheid die ik gebruik als onafhankelijke entiteit. Hierdoor is hij een middel om toegang te krijgen tot de emoties van de andere personages. Een depressie gegoten in een op zichzelf staand personage stelde me in de gelegenheid om de gedachten van Esther en Churchill te vertalen in dialogen. Op die manier liet ik ze hun relatie met de 'zwarte hond' verkennen op een meer vocale en expressieve manier.

 

Met welk personage in het boek voel je je het meest verbonden en waarom?

Tot op zekere hoogte voel ik me verbonden met alle personages, maar ik denk toch dat ik met Esther het meeste heb. Hoewel ze aan de oppervlakte een zenuwachtige en besluiteloze verschijning lijkt, is ze diep vanbinnen eigenlijk een taaie rakker. Dat vind ik leuk aan haar.

 

Hoofdpersoon Esther vindt het moeilijk om te praten over haar overleden echtgenoot. Ben je zelf een prater of een binnenvetter?

Ik ben nogal op mijn privacy gesteld en vind het niet zo makkelijk om te praten over mezelf. Maar, als iets me echt dwarszit en ik kom er zelf niet uit, dan zal ik vrienden of familie om advies vragen. Ik heb ontdekt dat het soms heel verhelderend werkt om dingen te delen met anderen. Als ik problemen voor mezelf houd, is het vaak lastig om zaken in perspectief te zien en dan willen ze nog wel eens Shakespearachtige proporties aannemen... Door de hulp van anderen kan ik olifanten weer in muggen doen veranderen of een probleem met een zucht van verlichting zelfs helemaal van me af gooien.

 

Esther kan worden overruled en overweldigd door Zwarte Pat en hij laat haar dingen doen waar ze eigenlijk niet achter staat. Je zou kunnen zeggen dat Esther een 'pleaser' is. Ben jij zelf ook een pleaser of sta je juist stevig in je schoenen en vaar je je eigen koers ongeacht wat anderen vinden?

Als ik eerlijk ben, ik ben een combinatie van allebei. Ik haat confrontatie en zou mezelf liever laten opsluiten in een kamer met een giftige slang, dan de discussie aangaan met iemand waar ik het niet mee eens ben. Dat wil niet zeggen dat ik altijd voor de slangoptie kies, maar meestal geef ik er de voorkeur aan om met stoom uit mijn oren verontwaardigd in een hoekje te gaan zitten mokken. Ik ben niet blij met die reactie, maar het is iets wat automatisch gaat. Een soort diepgewortelde afkeer voor onenigheid die met me op de loop gaat. Ondanks mijn vluchtgedrag bij confrontaties, ben ik wel iemand die heel vastberaden haar doelen najaagt. Ik zal er als het niet noodzakelijk is geen gevecht voor aangaan en stilzwijgend mijn weg vervolgen, maar komen zal ik er. Als hetgeen ik wil bereiken maar belangrijk genoeg voor me is, dan ben ik wel bereid de strijdbijl op te pakken.

 

Esther voelt zich erg ongemakkelijk met Zwarte Pat in huis en slaapt daardoor slecht. Heb je er zelf ook moeite mee om te slapen als je logés hebt?

In dit opzicht lijk ik helemaal op Esther. Ik heb een soort van ondraaglijke schaamte als het gaat om het omkleden in gemeenschappelijke kleedkamers, slapen naast iemand anders dan mijn vriend en zelfs eerlijk en openhartig praten met een dokter vind ik lastig. Een van mijn beste logeerpartijen was voor mijn 28ste verjaardag. Mijn vriend had een afgelegen stenen schuur op het platteland gehuurd en met zo’n twintig vrienden zijn we daar gaan barbecueën en feesten. Bier drinken, films kijken... We spanden een vel tussen twee houten balken en projecteerden daar de films op. Het was een geweldig weekend en ik heb er ontzettend van genoten. Ik moet wel toegeven dat een schuur met twintig snurkende mensen klinkt als een oorlog tussen onbeduidende, boze dieren. Veel geslapen heb ik dus niet.

 

Esther is erg bewust bezig met de overlijdensdatum van haar man. Ben jij iemand die heel datumgericht is?

Ik ben sentimenteel, maar ik ben niet iemand die heel bewust met datums omgaat. Misschien komt dat wel omdat ik buiten verjaardagen en de gebruikelijke feestdagen nog geen echt bijzondere of traumatische gebeurtenis heb meegemaakt die een jaarlijkse herdenking vereist. Maar op het moment dat ik wel zoiets meemaak, en dat is onvermijdelijk, zal ik daar waarschijnlijk op mijn eigen manier bij stilstaan.

Esther kijkt vaak naar foto's van haar huwelijk. Hoe belangrijk zijn foto’s voor jou?

Ik zou graag een betere fotograaf zijn. Ik heb albums vol met saaie en amateuristische foto's van de gebruikelijke dingen - familiebijeenkomsten, huisdieren, vrienden, feestdagen - maar ik schat ze wel steeds meer op waarde naarmate de tijd verstrijkt. Sommige van die mensen zijn inmiddels overleden, de kinderen met wie ik ben opgegroeid zijn nu getrouwd en hebben zelf kinderen. Mijn familie en ik zijn geleidelijk aan het veranderen en het is fijn om af en toe eens terug te kijken naar hoe het was. Op het moment dat je een foto neemt, denk je dat dat beeld voor altijd blijft bestaan, dat er niks verandert in de situatie, maar dat is natuurlijk niet zo. Niets blijft zoals het is. De meeste foto’s die ik heb zijn niet per definitie mooi gemaakt, waarschijnlijk omdat iedereen rode ogen heeft, maar de immateriële waarde ervan wordt door de jaren heen alleen maar groter. Het is mooi om te zien welke weg je hebt afgelegd vanaf het fotomoment tot aan de dag van vandaag.

 

Gelukkig zijn zij die schilderen, want zij zullen nooit eenzaam zijn.

Ja, ik ben het eens met deze stelling. Schilderen is goed gezelschap en het is erg moeilijk om eenzaam te zijn wanneer je plezier hebt.

 

Churchill gaat met pensioen en wil meer tijd doorbrengen met zijn vrouw, wandelen, schilderen, etc. Wat zou jij doen als je vandaag met pensioen zou kunnen?

Ik hoop oprecht dat ik door de jaren heen niet veel zal veranderen ten opzichte van de persoon die ik nu ben. Wat ik zelf zou doen als ik nu met pensioen mocht? Er op uit trekken! Ik heb altijd enorme bewondering voor gepensioneerden die een onverschrokken avontuurlijkheid aan de dag leggen en de wijde wereld gaan verkennen. Zo wil ik ook zijn tegen die tijd.

 

Churchill mijmert weemoedig als hij met pensioen gaat. Ben je zelf een nostalgisch persoon?

Ik ben een verschrikkelijk nostalgisch persoon - ik kan het niet helpen. Samen met mijn zus en broer haal ik vaak herinneringen op aan het huis van mijn grootouders van moeders kant, waar we veel tijd doorbrachten in onze kindertijd. Dan hebben we het over het ongewone kunstgrasachtige tapijt, het enge mens van de wasserette in de buurt en de glijbaan. We glimlachen dan weemoedig. Ik heb ook veel herinneringen aan mijn studententijd die een emotionele glimlach oproepen. Nostalgie is een prettige pijn die met beleid ‘geleden’ moet worden. Je moet je er ook weer niet teveel door laten meeslepen.

 

'Ik heb geen tijd voor spijt'?

Ik denk dat dat een hele gezonde houding is. Spijt geeft de toekomst een zure bijsmaak en dat is zonde. Het is het beste om te leren, te accepteren en verder te gaan.

 

Je schreef korte verhalen voordat je je aan je debuutroman Meneer Chartwell waagde.

Ik heb echt genoten van het schrijven van mijn korte verhalen en ik heb er veel van geleerd. Maar ik moet zeggen dat het schrijven van een roman een veel grotere uitdaging voor me was. Het gaf me meer vrijheid om een idee uit te werken en ik kreeg meer ruimte om de personages beter te leren kennen. Dat maakte het interessanter en leuker dan het schrijven van een kort verhaal.

 

Je bent een schrijver, maar je schildert ook. Zijn er nog andere dingen waar je je creativiteit in kwijt kunt?

Op dit moment niet, maar je weet maar nooit!

 

Wat is het belangrijkste verschil tussen schilderen en schrijven?

In mijn ogen verschillen schilderen en schrijven niet zoveel van elkaar. Het begint allebei met een onderwerp dat je interessant vindt en dat je wilt onderzoeken. Voor beide beroepen kun je je eigen tijd indelen en tijdens het werk gaat er heel veel koffie doorheen. Hoewel ik net zo graag schrijf als schilder, zet ik een van beide soms even op een zijspoor om me volledig te concentreren op een project. Maar dat is maar tijdelijk. Ik pak het daarna altijd weer op.

 

Als je naar een onbewoond eiland zou gaan, zou je dan je schildersezel of schrijfmateriaal meenemen?

Ik zou niet kunnen kiezen tussen een van beide. Ik vind het allebei even leuk. Daarom zou ik papier en inkt meenemen naar dat eiland zodat ik naar behoefte kan switchen tussen schrijven en schilderen.

 

Hoe voelde je je toen Meneer Chartwell klaar was?

Het klinkt belachelijk, maar ik vond het vreemd en triest dat Meneer Chartwell klaar was. Het was gedurende een lange tijd zo’n groot deel van mijn leven. Ik vond het schrijven over Zwarte Pat het leukst en bijzonderst en het deed me het meeste pijn om hem te moeten achterlaten. Inmiddels ben ik los van het verhaal en gloren er weer nieuwe ideeën aan de horizon. Ik vind het erg spannend om weer aan iets nieuws te beginnen en verheug me er erg op.

 

Foto: Angus Muir
Met dank aan: uitgeverij Orlando

Eindredactie: Gerd Boeren 

 


Meneer Chartwell
Auteur: Rebecca Hunt
Oorspronkelijke titel: Mr. Chartwell
Uitgeverij Orlando
Vertaling: Mary Bresser
ISBN: 978 90 229 5983 1
Paperback
Prijs: € 18,95
Verschenen: maart 2011

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Juli 1964. Winston Churchill wordt wakker. Er is iemand in zijn kamer aanwezig, iemand die hij al tijd niet heeft gezien. Een donkere gedaante die met een indringende blik naar hem kijkt. Het is meneer Chartwell. In haar rijtjeswoning staat Esther Hammerhans, een kwetsbare weduwe, op om de deur te openen voor haar nieuwe huurder. Door het glas ziet ze een enorm silhouet. Het is meneer Chartwell. Meneer Chartwell is een grote, zwarte hond.

Kunnen Esther en Winston Churchill, wier levens langzaam met elkaar verstrengeld raken, weerstand bieden aan zijn vreemde, verleidelijke charmes en sterke greep? Kunnen ze zelfs maar uitleggen aan iemand wie of wat hij is? Of waarom hij op bezoek komt?

Met haar creatie van een sprekende hond, wiens motieven veel zwarter zijn dan ze lijken, heeft Rebecca Hunt een roman geschreven die op fabelachtige wijze de obsessieve, benauwende aard van een depressie verkent. Meneer Chartwell is het geestige en tegelijkertijd opmerkelijk ontroerende, originele debuut van een veelbelovende schrijfster met een rijke verbeeldingskracht.

 


Wil je reageren op dit interview?

Dat kan op het forum van Ezzulia, waar een apart topic is aangemaakt voor de discussie over de boeken van - of dit interview met - Rebecca Hunt.

Kijk hiervoor op ons boekenforum.

 


Interviews

Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week komen daar weer nieuwe bij. Kijk hier voor het overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de grotere interviews.

 


 

 

Terug naar boven