Ezzulia interview
Paul Evanby
Door Okke de Jong | Ezzulia.nl
28 december 2009 | De eerste verhalen van
Paul Evanby verschenen vanaf 1985 in de reeks Ganymedes-bundels. In 1988 won
hij, als jongste auteur ooit, de Millennium-prijs (de voorloper van de Paul
Harland Prijs). In 1995 verscheen Systems of Romance, een bundel met
Engelstalige verhalen in samenwerking met de vroegtijdig gestorven schrijver
Paul Harland. In 2003 verscheen bij Babel de collectie Gödel Slam, een
bundel die ook het verhaal bevat waarmee hij in 2001 voor de tweede keer de Paul
Harland Prijs won. In september 2009 verscheen zijn debuutroman De
scrypturist.
"Absint is helemaal niet zo bijzonder"

Op je website noem je de schrijvers Guido Eekhaut, Mike John Harrison, Tais Teng en Greg Egan. Hebben ze jou geïnspireerd?
Geïnspireerd is een groot woord.
Het zijn schrijvers die ik goed vind, maar Mike Harrison kan je wel een
inspiratie noemen. Zijn vorm van fantasy schrijven is heel erg bijzonder, anders
dan anders. Ik denk dat hij één van de eerste was die mij liet kennismaken met
andere fantasy, anders dan het standaard Tolkien-stramien. Guido
Eekhaut is een goede schrijver. Een link naar zijn website vind ik dan wel
passend. Van Tais Teng vind ik mooi hoe hij zijn werelden bouwt. Als
voorbeeld natuurlijk zijn wereld waarin Nederland in de 17e eeuw groot is
gebleven door magie te gebruiken, met name de verhalen van Hans d’ Ancy (Aan
de oevers van de nacht, red). Greg Egan is een unieke sf-schrijver
die werelden neerzet die vreemd zijn en ver van ons af staan; prachtige verhalen
die zich miljoenen jaren in de toekomst afspelen. Bij normale space opera is de
technologie in verhouding slechts iets geavanceerder, ook al speelt het verhaal
duizenden jaren in de toekomst. Bij de verhalen van Egan is het
noodzakelijk dat ze zich zo ver in de toekomst afspelen. De maatschappijen zijn
totaal anders, er is vaak niet eens sprake van een mensheid, of van één
mensheid. Er kunnen hele maatschappijen gebaseerd zijn op een bepaalde
wiskundige methodiek; leven dat zich afspeelt in wiskunde of in computers.
Je hebt iets met computers. Je schrijft fictie, muziek en software. Waar ligt je grootste passie?
Nou, software is eigenlijk meer
een hobby van me. Ik beschouw schrijven als wat echt belangrijk is. Natuurlijk
levert programmeren geld op en schrijven nauwelijks.
Nou ja, je eerste druk is net uitverkocht.
Maar ja, in een taalgebied als het
Nederlands…
Maar wat heeft je grootste passie?
Nou, dat is toch schrijven.
Schrijven vind ik ook het moeilijkst. Programmeren, daar is niets aan. Het is
leuk om te doen, maar je kunt het systematisch benaderen. Als ik aan het
schrijven ben dan moet ik veel meer openstaan voor het moment. Je hebt iets
geschreven en dan plotseling blijken er dingen te zijn die je óók moet schrijven
als gevolg van het eerdere. Je had de gedachte dat het op een bepaalde manier
zou gaan, maar dan blijkt dat het eigenlijk veel beter is om het anders te doen.
Ben jij een organisch schrijver? Of werk je volgens een vooraf uitgezet plan?
Allebei, dat is ook het moeilijke
eraan. Als je zo’n boek schrijft dan moet je een duidelijk idee hebben over wat
het gaat worden, waar het naartoe gaat. En het moet goed uitgewerkt worden. Ik
heb een schema gemaakt, een synopsis geschreven. Maar als je dan aan het
schrijven bent dan krijgt je fantasie de overhand. En dan blijkt dat je je
schema moet gaan aanpassen! In dat opzicht is het inderdaad wel organisch. Ik
leg van tevoren veel vast, maar toch ook weer niet zoveel dat ik niets meer kan
wijzigen, ook omdat ik in de loop der jaren door heb gekregen dat ik die ruimte
nodig heb.
In je roman schrijf je over de Schering, een virtuele wereld. Zit jij zelf veel in virtuele werelden?
Nee. Ik kijk er wel eens naar,
maar om de één of andere reden kan het me niet echt boeien. Dan heb ik het idee:
‘Wat doe ik hier? Kan ik mijn tijd niet beter gebruiken om te schrijven?’. Ik
weet dat World of Warcraft erg populair is (wereldwijd 11 miljoen spelers, red),
ik heb ook wel eens in Second Life gekeken, maar het enige wat me enigszins
heeft kunnen boeien is de voortzetting van Myst Online. De wereld van Myst heeft
me altijd gefascineerd. Maar online games vind ik tamelijk zinloos.
Zou je het escapisme noemen?
Ja. Niet dat daar veel op tegen
is.
Je schrijft dat de Schering door ‘dwarsgroei’ een negatief effect krijgt op de realiteit in De scrypturist. Is het een angstbeeld van je dat dat in onze realiteit zou kunnen gebeuren?
Het is leuk dat je dat zegt, want
daar heb ik eigenlijk nooit aan gedacht. Het zou kunnen. Misschien wel. De
manier waarop computers onze levens nu beheersen… Er zijn genoeg dingen die mis
kunnen gaan. Computercriminaliteit heeft invloed op ons dagelijks leven. Dus in
dat opzicht wel, maar ik denk niet in de mate zoals in mijn boek beschreven.
Waarschijnlijk zullen we het ook minder snel merken.
Je verhaal speelt zich af in een tijdperk voor de Industriële Revolutie. Waarom heb je voor deze setting gekozen?
Ik was op zoek naar een wereld
waarin ik het hele concept van de scryptuur tot zijn recht kon laten komen. Het
idee van steampunk heeft me ooit erg aangetrokken, maar uiteindelijk is
steampunk helemaal uitgemolken. Wat ik daarom in dit boek heb geprobeerd is om
zonder direct steampunk te zijn toch de sfeer ervan op te roepen.
Waarom trekken scrypturisten zich terug in de Schering? Alleen om te schrijven?
De opzet van de scrypturisten is
om een vorm van kunstmatige intelligentie te creëren in de Schering.
Scrypturisten zijn mensen. Het is mogelijk, ze kunnen het, dus dan doen ze het.
Ze moeten in de Schering zijn om te zien wat de veranderingen zijn, maar in
principe zouden ze alles wat ze doen ook buiten die Schering kunnen doen, als ze
genoeg verbeelding zouden hebben.

Je snijdt de problematiek rond terrorisme, drank en drugs aan. Zijn dit zaken waar je bang voor bent?
Niet zozeer bang, maar dit zijn
zaken waar we mee te maken hebben in onze maatschappij en ik vind dit het boek
meer relevantie geven. Eén van de dingen waar ik me aan erger in de standaard
epische fantasy is dat hele abstracte begrip van goed tegen kwaad. Waar ik
misschien een beetje bang voor ben is dat mensen dat begrip van goed tegen kwaad
gaan toepassen op onze huidige maatschappij. Kijk naar George Bush: de Verenigde
Staten zijn het goede land, Noord-Korea of Iran is het kwade land. Dat is de
manier waarop die zaken gepolariseerd worden. En het mag duidelijk zijn dat ik
dat geen goede zaak vind.
Je laat je hoofdpersoon Mauric zeggen dat de angst voor terrorisme veel erger is dan het terrorisme zelf.
Hij stelt het niet zo scherp, maar
dat is één van de dingen die we nu ook zien, de manier waarop we steeds verder
afglijden naar een ‘surveillancestaat’: alles moet opgeslagen worden, mensen
zijn bereid om grote delen van hun privacy af te staan om maar het gevoel te
krijgen dat ze iets veiliger zijn. Wat helemaal niet zo is. Dat is wat mij
beangstigt en daarom komt het in het boek terug.
Mauric en andere personages drinken absint. Heb je zelf wel eens absint gedronken?
Ja. Er is een soort mythe rond
absint, maar absint is helemaal niet zo bijzonder als mensen denken dat het is.
Mensen denken bij absint vaak aan Van Gogh; dat hij zijn oor zou hebben
afgesneden omdat hij absint dronk. Dat zijn schilderijen er allemaal zo raar uit
zouden zien omdat hij absint dronk. Dat het zorgde voor hallucinaties. Dat is
niet zo. Het sterkst aan absint is de hoeveelheid alcohol. Opgelost in die
alcohol zitten essentiële oliën van alsem, anijs en venkel. Die kunnen ervoor
zorgen dat je - ondanks dat je heel veel alcohol drinkt – toch tamelijk helder
denkt te blijven. Je bent stomdronken terwijl je denkt dat je heel erg helder
bent en je gaat maar door en door. Er zit een heel historisch verhaal achter:
absint was in het laatste deel van de 19e en het begin van de 20e eeuw heel
populair. Het begon in Algerije waar de Franse soldaten absint dronken tegen de
malaria. Toen ze terugkwamen in Parijs werd het ook een drankje voor de hogere
standen en de kunstenaars. Omdat het zo duur was waren er fabrikanten die het
goedkoper gingen aanbieden, door het aan te lengen met methanol of met
kopersulfaat om het groen te maken. Toen een grote plaag in de druivenstokken de
productie van wijn verminderde, groeide de markt voor absint onstuimig. Iedereen
wilde absint. De wijnboerenlobby maakte vervolgens gemene zaak met de
antialcoholisten om absint uit de weg te ruimen. Er werden allerlei dingen
verzonnen. Een medicus had een rat blootgesteld aan het werkzame ingrediënt van
alsem, waar de rat aan overleed. Dus was de conclusie dat hetzelfde gebeurde met
mensen als je absint dronk. Ook had iemand zijn vrouw en kinderen omgebracht na
een drinkgelag waarbij hij absint had gedronken. Dat resulteerde in een verbod
op absint in Frankrijk in 1914. Omdat het verboden was is die hele mythe rondom
absint ontstaan.
Wanneer komt het vervolg op De scrypturist?
Ik hoop volgend najaar.
Wordt het een trilogie?
Ik heb nooit het woord trilogie
gebruikt. Ik denk op dit moment niet verder dan boek twee, waar ik druk mee
bezig ben.
Wat zijn de laatste ontwikkelingen in het Genootschap voor Nederlandstalige Genreliteratuur?
We zijn aan het werk. Ik ben bang
dat ik daar niet heel veel op kan zeggen. We vonden dat er een soort orgaan
moest komen waarin schrijvers meer te zeggen zouden hebben. Een eigen magazine
is bijvoorbeeld een optie. In Nederland heb je geen tijdschrift wat auteurs
betaalt voor verhalen zodat je écht kwaliteit hebt.
Vind je Pure Fantasy Magazine geen goed tijdschrift?
Het heeft niet de mate van
kwaliteit die ik graag zou zien. Als je Pure Fantasy vergelijkt met buitenlandse
tijdschriften zoals Interzone in Engeland dan is er geen vergelijking. Dat is
niet persoonlijk of negatief, maar dat is iets waar we in Nederland hard aan
moeten werken. We liggen heel erg achter bij het buitenland. Dat staat ook in
mijn juryrapport.
Wat vind je van de inzendingen voor de Paul
Harland Prijs dit jaar?
Het grote verschil sinds mijn
vorige jurering in 2003 is dat er nu een voorselectie is. Toen kreeg ik de hele
reut van tachtig verhalen over me heen. Nu heb ik er twintig gehad, dat maakt
het een stuk hanteerbaarder, je bent minder snel moe. Na tachtig verhalen wist
ik op een gegeven moment niet meer wat ik in mijn juryrapport moest schrijven.
Het algemene niveau is moeilijk in te schatten, want er is al een schifting
geweest. Ik kan wel zeggen dat ik zeer te spreken ben over de winnaar van dit
jaar. Ik vind het een betere winnaar dan die van de vorige keer dat ik jureerde,
maar dat is allemaal een persoonlijke mening. Dat is één van de redenen dat je
je kunt afvragen of een voorselectie wel zo goed is.
Ga je insturen voor de Unleash Award?
Nee, nauwelijks tijd voor. Die
duizend euro gaat aan mij voorbij…
Foto's: Jeroen van
Amerongen
Website Paul Evanby | kijk hier
Zie ook: De Boekenplank
Meer fantasy op Ezzulia |
kijk hier
De Scrypturist
Auteur: Paul Evanby
Serie: Het Levend Zwart
Eerste deel
Uitgeverij Mynx
ISBN: 978 90 8968 146 1
Paperback
Prijs: € 19,95
Verschenen: oktober 2009

Revantijn is de stad van de beste Schrijvers, en Mauric Dystergroeve is een van de beste in Revantijn. Op bestelling schrijft hij simpele beschermingen, grootse spreuken, of zelfs hele werelden, weidse vergezichten onder turbulente hemels. Alles kan, en niets is zijn verbeelding te machtig.
Totdat de Schrapers Loge aan een nieuw boek begint: een Boek van Leven.
Nu waart er iets rond in Maurics werelden, en hij weet niet wat. Hij kan zijn eigen verbeelding niet vertrouwen, en ook van de echte wereld is hij niet meer zeker. Het land is in oorlog, en zijn vrienden verdwijnen spoorloos. De angst voor aanslagen grijpt om zich heen.
Maar dan komt er een vreemdeling de stad binnen met een onbekend schrift op zijn huid, op de vlucht voor een donker verleden. Zijn wanhopige zoektocht naar een geheim boek maakt Mauric één ding duidelijk: niets zal ooit nog hetzelfde zijn — zelfs al kunnen ze de onvoorstelbare ramp die de wereld bedreigt voorkomen.
Wil je reageren op dit interview?
Dat kan op het forum van Ezzulia, waar een apart topic is aangemaakt
voor de discussie over dit interview met - en de boeken van - Paul Evanby.
Kijk
hiervoor op ons boekenforum.
Interviews
Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week komen daar weer nieuwe bij. Kijk hier voor het overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de grotere interviews.






















