Ezzulia interview
Lucretia Grindle
Door Cathelijne Esser | Ezzulia.nl
(Twitter:
@CathelijneEsser)
15 augustus 2012 | Ook in Florence werd het dagelijks leven tijdens de Tweede Wereldoorlog geteisterd door bombardementen, voedseltekorten, verraad en er vielen veel slachtoffers. Niemand was veilig en niemand was te vertrouwen. Een groep partizanen, voornamelijk burgers, pleegde tegen de heersende fascisten en Duitsers verzet met kleine en grote daden. De jonge Caterina Cammaccio is in Villa Triste een van hen. Ze houdt tijdens die oorlogsjaren een dagboek bij dat in 2006 wordt teruggevonden door een politiechef. Hij ontdekt het boekje wanneer hij de moord op de bejaarde Giovanni Trantemento onderzoekt, een van de oud-partizanen. Deze gebeurtenissen in verleden en heden zijn de hoofdtonelen waar Villa Triste zich afspeelt.
"Een historische roman is geen vrijbrief om zomaar dingen te verzinnen"

Mysteries uit het verleden
Grindle is naast schrijver van fictie ook journalist. Ze koos ervoor het verhaal over de partizanen in romanvorm te vertellen, maar had het ook als non-fictie kunnen publiceren. Waarom toch fictie als vertelvorm?
Grindle: ‘Je staat altijd voor die keuze. In dit geval wilde ik naar verschillende dingen kijken: hoe reageren gewone mensen in heel ongewone omstandigheden? Wat is moed en hoe haal je die uit jezelf tevoorschijn? Ik heb sterk de indruk dat oudere mensen vaak genegeerd worden. Alle mooie vrouwen in avonturenromans zijn vijfendertig jaar oud. Oude mensen zijn niet meer dan warrige, rondschuifelende oudjes. Ik wilde een krachtig persoon van in de tachtig portretteren, iemand die ondanks zijn leeftijd nog steeds een actief en mooi mens is, die heel goed weet wat hij wil. Ik wilde schrijven over liefde, en hoe die blijft bestaan, de verplichtingen die we hebben jegens hen die we liefhebben, en hoe we die verplichtingen invullen. Ik wilde het hebben over hoe we onszelf blijven, zelfs als we ouder worden. We houden niet op ten volle te leven en we worden ook niet minder waard als we zestig of zeventig jaar oud zijn, of zelfs tachtig. Dus ik wilde een aantal thema’s uitwerken die verbonden waren met een mogelijk verhaal in een historische setting. Ik vond dat fictie daar het beste middel voor was. En ik wilde een mogelijke oplossing bieden voor een van de grote mysteries van het Italiaanse verzet. Het radionetwerk in Villa Triste heeft echt bestaan, en het is bijna exact verraden op de manier zoals beschreven in het boek; tot op de dag van vandaag weet niemand door wie. Omdat we het niet weten, moeten we ons tot de fictie wenden om antwoorden te vinden en Villa Triste is mijn mogelijke antwoord.’
Vrouwelijke helden
Het waren de partizanen in het algemeen, meer dan 200.000 Italianen, die Grindle zo intrigeerden en deed besluiten er een roman over te schrijven. Buiten Italië komen ze niet vaak ter sprake en zijn ze nauwelijks bekend. ‘Toen ik ontdekte dat ongeveer één op de vier partizanen een vrouw was, en vele van hen letterlijk meegevochten hebben, fascineerde me dat zelfs nog meer. Ik vroeg me af wie deze vrouwen waren en welke prijs ze hadden betaald voor hun verzet. We denken te vaak dat helden mannen zijn, vooral in situaties die fysieke kracht vragen, vindingrijkheid en lef. Ik begon in te zien dat vrouwen die rol net zo goed konden vervullen – dat ze dat zelfs hadden gedaan.’
Hoe meer research Grindle deed, hoe meer ze geraakt werd door de
verhalen van de partizanenvrouwen. ‘Vooral omdat zovelen van hen
‘gewone’ mensen waren -zussen, dochters, geliefden en zelfs moeders die
een sterke moraal en leeuwenmoed in zichzelf vonden. Ik wilde dat
begrijpen, en ten minste een deel van hun verhalen vertellen. De zussen
Caterina en Isabella in Villa Triste zijn fictief, maar
ze zijn nauw gebaseerd op mensen die echt bestaan hebben.’
Kijken vanuit je ooghoeken
Wat maakt geschiedenis voor een schrijver zo interessant als vertrekpunt voor een verhaal?
Grindle: ‘Geschiedenis is opwindend. Het is het verhaal over hoe we zijn gekomen waar we nu zijn in de wereld. Soms kan fictie ons helpen dat te begrijpen en het tot leven brengen op een manier waarop je dat met kale feiten alleen niet lukt. Je geeft een achtergrond voor een verhaal en daar voeg je dingen aan toe, zodat je gelooft dat de omstandigheden toen zo waren dat dit zou kunnen zijn gebeurd. Dit had jij kunnen zijn of jouw oma. De onontkoombaarheid van waargebeurde gebeurtenissen vind ik erg opwindend. De verhalen daaraan opgehangen, zijn een manier om de geschiedenis te begrijpen, en op die manier onszelf te begrijpen, wat we zouden of niet zouden hebben kunnen doen. Persoonlijk vind ik dat veel interessanter en relevanter dan bijvoorbeeld eenhoorns en ruimteschepen. Ik ben vooral op zoek naar het verhaal achter het verhaal, de dingen die je vanuit je ooghoeken ziet. Kleine en minder kleine moedige daden raken me. Ik heb een zwak voor buitengewoon nobel gedrag van gewone mensen in het dagelijks leven.’
Fictie is geen geschiedenisles
Een schrijver van historische romans kan niet ver genoeg gaan om de feiten te onderzoeken, vindt Grindle, maar moet daarna vrijheid nemen om een eigen verhaal te vertellen.
‘Fictie is fictie en geen geschiedenisles of biografie. Ik denk dat het
de kunst is om zo veel mogelijk vat te krijgen op de historische
setting, op de krachten die aan het werk waren bij de gebeurtenissen die
plaatsvonden, alle details en de sfeer van die periode te vinden – om
daarna alles weer te vergeten en het beste verhaal te schrijven dat je
schrijven kunt. Daarmee bedoel ik: absorbeer de geschiedenis net zolang
tot het een tweede natuur is geworden, zodat het verhaal zich alleen
maar daar kan afspelen.’ Accuraatheid daarbij is cruciaal, want lezers
zijn niet gek. ‘Ze voelen heel snel als je geen vat hebt op je
onderwerp. We zijn de geschiedenis ook de waarheid schuldig. Een
historische roman is geen vrijbrief om zomaar dingen te verzinnen – het
is de kunst om fictieve verhalen door de historische feiten te weven.’
Foto:
Gebruikt met toestemming
Met dank aan: Uitgeverij A.W. Bruna
Villa Triste
Auteur: Lucretia Grindle
Oorspronkelijke titel: The Villa Triste
Uitgeverij A.W. Bruna
Vertaling: Saskia Peterzon-Kotte
ISBN: 978 90 229 9946 2
Paperback
Prijs: € 19,95
Verschenen: juni 2012

Twee zussen in Florence nemen tijdens de Tweede Wereldoorlog een moedige beslissing die veertig jaar later grote consequenties heeft…
Tijdens de Tweede Wereldoorlog worden de zusjes Caterina en Isabella Cammaccio gedwongen de moeilijkste beslissingen van hun leven te nemen waarvan de consequenties nog jarenlang zullen doorwerken. Veertig jaar later moet Alessandro Pallioti een merkwaardige moordzaak op een oude man oplossen. De vermoorde man blijkt een held voor de verzetsleden van de Tweede Wereldoorlog te zijn geweest. Hij is doodgeschoten en er is zout in zijn mond gepropt. Hoe meer Pallioti zich in de zaak verdiept, des te meer komt de geest van de oorlog tot leven. Als hij het dagboek van Caterina tussen het bewijsmateriaal vindt, wordt een ontstellende geschiedenis van het verzet en het leven van twee zussen opgerakeld.
Een aanrader voor de liefhebbers van Donna Leon en Tatiana
de Rosnay.
Wil je reageren op dit interview?
Dat kan op het forum van Ezzulia, waar een apart topic is aangemaakt voor de discussie over de boeken van - of dit interview met - Lucretia Grindle.
Kijk hiervoor op ons boekenforum.
Interviews
Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week komen daar weer nieuwe bij. Kijk hier voor het overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de grotere interviews.









