Interviews
Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week komen daar weer nieuwe bij. Kijk hier voor het overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de grotere interviews.
Ezzulia Interview:
John Connolly
Door Marije Onderwaater | Ezzulia.nl
31 december 2007 | John Connolly levert met zijn nieuwe misdaadthriller De Rustelozen (vertaling van The Unquiet) een spannende pageturner af. Maar erg goed in het promoten van zijn boek is hij niet. Sterker nog, hij raadt mensen zelfs aan eerst het boek Bleak House van Charles Dickens te lezen. Gelukkig wilde Connolly graag vertellen over zijn eigen thriller. Waarom koos hij voor het thema kindermisbruik en is hij gefascineerd door het bovennatuurlijke?
"Ik geloof graag dat er een hiernamaals is"
Zijn er gelijkenissen tussen het karakter van Charlie Parker en dat van u?
"Er zit veel van mij in Parker, al haast ik me om te zeggen dat ik hem niet ben. Ik heb een stel thrillerauteurs ontmoet die fictie en realiteit hebben verward als het om hun karakters gaat. Dus beginnen ze te geloven dat ze hun eigen hoofdpersonen zijn of ze beginnen over hun karakters te praten alsof ze echt bestaan en aan de overkant van de straat wonen. Dat is nog maar even verwijderd van het horen van stemmen.
Parker deelt mijn kijk op de wereld. Net als mijn smaak van muziek, eten en misschien zelfs mijn gevoel voor humor. Ook al is hij in sommige opzichten zowel een beter als een slechter mens dan ik. Ik denk dat sommige aspecten van mijn persoonlijkheid zelfs zijn versterkt in hem: hij wordt bijna gemarteld door zijn empathie, en hij volgt zijn instincten om uit te halen naar de wereld. Ik maak gebruik van mijn eigen ervaringen voor de zijne: leed, verlies van de liefde, woede, empathie. Er moet een kern van waarheid in de boeken zitten, anders zijn ze het niet waard om te schrijven.
Ik denk niet dat ik hem iets zou kunnen laten zeggen waar ik zelf niet in geloof. En ik kan hem ook nergens van laten houden of niet van laten houden als ik niet hetzelfde voel. Eigenlijk is hij een soort prisma waardoor ik de wereld zie en ik begrijp het beter wanneer ik er namens hem over schrijf, als zijn stem."

Voelt u sympathie voor Charlie Parker?
"Ik denk dat hij ontzettend menselijk is. Ik weet niet zeker of het een gevoel van sympathie is, of dat ik gewoon met hem meeleef. Er is een afstand wanneer we sympathie voor iemand voelen, denk ik. Ik leef vooral met hem mee.
Zijn reacties op de omstandigheden zijn volledig te begrijpen. Hij is een man die is getraumatiseerd door leed en verlies, een man die altijd het gevaar loopt om bijna in te storten, al weigert hij te breken.
Soms komen we in de misdaadfictie hoofdpersonen tegen die hebben geleden onder het verlies van een geliefde of een vriend, maar ik vind dat er vaak alleen naar hun verlies wordt verwezen en dat het weinig deel uitmaakt van de momenten in het leven van de hoofdpersoon. Maar als iemand het verlies van Parker meemaakt, verandert dat je als persoon, denk ik. Het komt op zoveel momenten terug. Aan de ene kant geeft het hem een vreemd soort kracht: het ergste wat hem kan overkomen, is al gebeurd, en dat geeft een gevoel van vrijheid. Maar zijn instinct is om zijn leven opnieuw op te bouwen en dat is heel begrijpelijk. Hij wordt opnieuw verliefd. Hij krijgt weer een kind. En met die poging zijn leven weer op te bouwen, komt schuld en een gevoel van verraad ten opzichte van zijn verloren vrouw en kind boven. En de angst dat wat ooit is gebeurd, weer kan gebeuren en dat hij er de oorzaak van kan zijn. In dat opzicht gaan de Parker-boeken nooit alleen over misdaad en het oplossen ervan. Ik ben, denk ik, nog meer geïnteresseerd in de mens Parker."
In De Rustelozen schrijft u over kindermisbruik en wraak. Waarom heeft u dit onderwerp gekozen?
"Het was niet zo dat ik ging zitten en bedacht dat ik een boek over kindermisbruik wilde schrijven. Ik plan mijn boeken niet. Meestal heb ik een centraal idee of een concept van hoe het eerste hoofdstuk eruit moet komen te zien en daarna vervolg ik het. De Rustelozen (The Unquiet) begon steeds met Frank Merrick en een jonge vrouw, die haar vader heeft verloren, en wordt geconfronteerd met een gevaarlijke man die weigert te geloven dat haar vader dood is. Toen langzamerhand duidelijk werd dat de verloren vader met misbruikte kinderen heeft gewerkt, veranderde de aard van het verhaal.
Een van de dingen die ik heb besloten, toen het thema van het verhaal duidelijk werd, is dat er geen kinderen zouden worden misbruikt in het boek. Daar bedoel ik mee dat ik geen beschrijving van het misbruik geef. Dit is een boek voor volwassenen en zij kunnen begrijpen wat de term ‘kindermisbruik’ inhoudt. Als ik het anders zou doen, zou het voelen of ik de dunne scheidslijn naar uitbuiting zou overschrijden."
Wat voor research heeft u gedaan voor De Rustelozen?
"Ik ken iemand die als kind is misbruikt en
ik weet hoe het haar heeft beïnvloed. Aan de andere kant was ik erg
geïnteresseerd in mensen die er voor kiezen om met getraumatiseerde en
misbruikte kinderen te werken. Eigenlijk zijn zij het middelpunt van het
verhaal, in veel opzichten. Het leek me dat zij het beste en slechtste in de
mens kunnen zien. Ik heb contact gehad met de Spurwink Clinic in Portland,
Maine, dat is een centrum waar misbruikte kinderen in de staat Maine naar worden
verwezen. De medewerkers waren ontzettend behulpzaam en legden heel veel details
uit. Een van de meest verrassende aspecten vond ik dat het zo moeilijk is om
zaken van kindermisbruik te bewijzen. Mijn onderzoek voor dit boek heeft echt
mijn ogen geopend, in verschillende opzichten."

Is De Rustelozen
alleen fictie of zijn er ook dingen echt gebeurd?
"De feitelijke details kloppen allemaal. De rest is fictie. Toch denk ik dat de beschrijvingen van de misbruikers, in hun verschillende vormen, vrij nauwkeurig zijn."
U schrijft graag over het bovennatuurlijke. Waarom vindt u dit onderwerp zo interessant? Is het een fascinatie?
"Vreemd genoeg niet. Het bovennatuurlijke aspect in het verhaal is er om verschillende redenen, sommige zijn complexer dan de andere. Ten eerste is er de literaire reden: het eerste genre in fictie dat ik las was de bovennatuurlijke fictie, voornamelijk spookverhalen uit de negentiende en vroeg twintigste eeuw.
Het viel me op dat soms sommige soorten misdaadliteratuur en bovennatuurlijke fictie dezelfde oorsprong hadden, en deze oorsprong gaat terug naar oude volksverhalen en de angst voor het onbekende en van de dingen die uit de duisternis kunnen verschijnen en opeens het leven binnendringen. Dus voor mij leek het niet alsof er veel verschil tussen misdaadliteratuur en bovennatuurlijke literatuur was.
Daarnaast vind ik het leuk dat Amerikanen misdaadliteratuur ‘mysterieuze literatuur’ noemen, want het geeft een beetje meer weer van het bereik in dit genre. Het vreemde aan mysteries is dat ze eigenlijk helemaal niet mysterieus zijn. Wat in het begin erg moeilijk lijkt, wordt meestal simpel uitgelegd aan het einde.
Maar een van de oudste definities van mysterie is dat het een openbaring van God, of van de goden is, dat niet alleen door menselijke redelijkheid kan worden begrepen. Ik veronderstel dat ik dat oude mysterieuze gevoel wilde terugbrengen in de romans die ik heb geschreven.
Uiteindelijk leeft Parker in een moreel universum en voor mij vraagt de kwestie van moraliteit meteen om grotere vragen en suggereert het dat er dingen gebeuren die buiten deze wereld gaan. Ik veronderstel dat mijn katholieke opvoeding daar een grote rol in speelt, dus is het geen verrassing dat de verhalen ook gaan over zaken als schuld, of het goedmaken van iemands falen, berouw en verlossing. Verlossing is echt een terugkerend onderwerp in de misdaadliteratuur, alleen deinzen schrijvers vaak terug voor de filosofische en spirituele vragen die daaruit ontstaan. Ik vind dat juist interessant. Sterker nog, het staat centraal in de verhalen, al denk ik niet dat iemand er in moet geloven om het interessant te vinden."
Denkt u dat er meer is tussen hemel en aarde?
"Ik geloof graag dat er een hiernamaals is. Ik vind dat een geruststelling. Waarschijnlijk heb ik niet de moed om atheïst te zijn."
Welke van uw boeken is uw favoriet en waarom?
"Mijn favoriet is geen misdaadroman. Het is The Book of Lost Things dat heel dicht bij me staat en daarnaast het beste boek is dat ik heb geschreven. Het is vreemd, maar wanneer ik een boek ga schrijven, heb ik een erg vaag idee van hoe het gaat aflopen en het is onvermijdelijk dat ik het verhaal, dat ik in mijn hoofd had, nooit op papier krijg. Er is altijd wel iets dat verloren gaat in het schrijfproces. Bij The Book of Lost Things is er het minste verloren gegaan. Het boek is me heel dierbaar en ik ben er trots op.”

Wie is uw favoriete schrijver?
"Ik heb zoveel favoriete auteurs. In de mysterieliteratuur hou ik van James Lee Burke onder de levenden en Ross MacDonald onder de doden. Ik ben een groot bewonderaar van Cormac McCarthy, in het bijzonder van Blood Meridian, All The Pretty Horses en The Road. De meest geweldige roman in de Engelse literatuur is Bleak House van Charles Dickens en P.G. Wodehouse heeft al menig donkere dag verlicht. Ik heb maar een handvol verhalen opnieuw gelezen, maar twee daarvan waren Wuthering Heights van Emily Brönte en The Good Soldier van Ford Madox Ford, dus moet ik hen ook onder mijn favorieten rekenen."
Van welke elementen houdt u in een boek?
"Ik denk dat goed schrijven een erg onderschatte kwaliteit in een boek is. Ik herschrijf constant, dus het boek heeft zeven of acht concepten voor mijn redacteuren en agent het te zien krijgen. Ik ben erg bewust van het ritme van het proza en ik raak geïrriteerd door boeken die weinig of helemaal geen ritme hebben. Ik zeg niet dat ik een goede schrijver ben, maar ik probeer het wel. Wanneer ik daar niet in slaag, en ik weet dat ik dat ook soms doe, is het geen laksheid."
Kunt u ons meer vertellen over uw volgende boek?
"Het is een boek dat The Reapers heet
en het is een beetje anders dan de vorige misdaadboeken. Het is in de derde
persoon geschreven en gaat over de karakters Angel en Louis, die in de andere
boeken slechts bijpersonen waren. Het is meer oprecht en minder benauwend dan de
gewone Parker-boeken, al heeft Parker er een prominente rol in, maar we zien hem
voor het eerst door de ogen van iemand anders. Er zitten dit keer ook minder
bovennatuurlijke elementen in. Dat past gewoon niet bij het wereldbeeld van
Angel en Louis."
Waarom moeten mensen De Rustelozen lezen?
"O jee, dat is moeilijk om te beantwoorden. Kijk, waarom zou je niet eerst James Lee Burke lezen, dan Cormac McCarthy, misschien Bleak House, The Good Soldier, een beetje Wodehouse en dan, als je even rust wil, een boek van mij. Er zijn teveel fantastische boeken. Als je de keuze moet maken tussen Bleak House en De Rustelozen, lees Bleak House…"
De
Rustelozen
Auteur: John Connolly
Oorspronkelijke titel: The Unquiet
Uitgeverij Luitingh
ISBN 978 90 245 2244 6
Paperback
Prijs 14,95
Daniel Clay, ooit een
gerespecteerd psychiater, is jaren geleden verdwenen, na zware beschuldigingen
van misbruik van zijn patiënten. Zijn dochter Rebecca denkt dat haar vader
zelfmoord heeft gepleegd, maar de wreker Merrick denkt daar anders over.
Merrick, genadeloos moordenaar maar ook vader van een door Clay misbruikt en
daarna verdwenen dochter, zoekt hoe dan ook vergelding. Rebecca neemt de
ingenieuze maar getroebleerde privédetective Charlie Parker in de arm in de
strijd tegen Merrick. Merricks daden hebben echter anderen uit de schaduwen
gewekt; half zichtbare entiteiten die hun eigen vorm van wraak willen
uitoefenen, bleke geesten die door de rijen van de rusteloze doden drijven... de
holle mannen...

Kijk voor meer over John Connolly de Boekenplank
Wil je reageren op dit
interview?
Dat kan op het forum van Ezzulia, waar een apart topic is aangemaakt
voor de discussie over de boeken van John Connolly.
Kijk
hiervoor op ons boekenforum.
