Skip to: site menu | section menu | main content

 

Currently viewing: www.ezzulia.nl » Grote Interviews


Nieuwe recensies op de Ezzulia website:

Erik Menkveld:
Het grote zwijgen





Een universeel verhaal over liefde en afgunst, verlangen en ontrouw, dromen en daden



Carlos María Domínguez:
De blinde kust

Het verhaal roept een aantal visuele beelden op en wordt op een bijna magische manier voor een deel tussen de regels in verteld


Annabel Pitcher:
Mijn zus woont op de schoorsteenmantel

Het is duidelijk dat Annabel Pitcher een grote belofte voor de toekomst is


Niccolò Ammaniti:
Jij en ik

De inhoud van het boek en de essentie van het verhaal zal je mogelijk de rest van je leven bij je blijven dragen


Silvia Avallone:
Staal

Zonder meer een sterk debuut


Adam Foulds:
De dwaaltuin

Een prachtige gelaagde roman


Anne Fortier:
Julia

Een mooi en vlot geschreven verhaal


Torgny Lindgren:
Norrlandse Aquavit

Het is een rustig boekje, boordevol personages die door intense dialogen onvergetelijk worden.


Torgny Lindgren:
De bijbel van Doré

Torgny Lindgren schrijft met veel verbeelding en met veel vaart






































































 




















































 

 

 


 

Ezzulia interview
Jeffrey Moore

Door Shoshanna de Goede | Ezzulia.nl
 


6 juli 2011 |  Met Het genootschap van de laatste dieren leverde Canadees Jeffrey Moore zijn derde roman af. Een spannend verhaal over een hallucinerende man op de vlucht die zich in een Canadees bergdorp ontfermt over een voor dood achtergelaten vijftienjarige dierenactiviste. Moore is genomineerd in de categorie Beste Misdaadroman voor de Arthur Ellis Award. Voor zijn eerste roman – Prisoner in a Red-Rose Chain – ontving hij de Commonwealth Writers’ Prize.

Jeffrey Moore was onlangs in Nederland en Shoshanna de Goede interviewde hem voor Ezzulia.

 


"Dit boek geeft mensen een oncomfortabel gevoel"



Het is niet bepaald lichte kost: de illegale jacht op wilde dieren. Waarom besloot je over deze vorm van dierenmisbruik te schrijven?

“Het begon met de dood van mijn kat Huxley. Ik vond hem, nadat hij twee weken spoorloos was geweest, en hij leek te zijn doodgeschoten. Ook zag ik tijdens wandelingen in de Laurentian Mountains vallen staan, soms met een dode eland er in. Ik maakte me daar ongelooflijk kwaad over, maar vroeg me tegelijkertijd af waarom jagers hier plezier aan beleven. Is het een oerdrift, voortgekomen uit de prehistorische noodzaak tot jagen - om je gezin te kunnen voeden? Of is het iets anders? Celeste zegt in het boek dat motorrijders en jagers een kleine piemel hebben. Het is een cliché, maar ik denk dat het waar is: dit machtsvertoon moet een vorm van compensatie zijn. Ik vond in elk geval dat ik erover moest schrijven.”

 

Het dierenleed is misselijkmakend beeldend beschreven. Hoe was het voor jou om dit op papier te zetten?

“Alles wat ik over het de illegale jacht op wilde dieren heb geschreven, is waar. Achterin het boek bedank ik de World Society for the Protection of Animals voor hun informatie over de handel in berengal. De lezer moest weten dat deze praktijken daadwerkelijk bestaan. Er wordt een hoop geld betaald voor de zogeheten ‘berenmelk’, waarbij berengal met een ijzeren buis uit de galbaas van levende beren wordt ‘gemolken’. Dit gaat gepaard met helse pijn.

Voor mij was het heel zwaar om over dit onderwerp te schrijven. De research maakte me behoorlijk depressief, maar soms is het noodzakelijk om mensen te shockeren. Dit boek geeft mensen een oncomfortabel gevoel. Anders dan veel mensen vind ik niet dat mensen belangrijker zijn dan dieren. Daarom beschrijf ik bij voorbeeld zo’n situatie waarin Nile veel geld wordt geboden om een asfaltweg over een natuurgebied op zijn land te laten aanleggen. Hij weigert dat. Zijn rijke buurman begrijpt dat simpelweg niet.”

 

Wilde je met dit boek een boodschap de wereld in sturen?

“Nee. Ik wil gewoon informatie over de illegale jacht de wereld in sturen. Het is een nogal misantropisch boek geworden. Er spreekt afkeur uit over de menselijke natuur. Er wordt vaak gezegd dat je als fictie auteur je meningen buiten de deur moet houden. Daar ben ik het niet mee eens. Ik vind dat Jonathan Franzen fantastisch schrijft over de uitdijende wereldbevolking in zijn meesterwerk Vrijheid. Ik zie het zo: de wereldbevolking groeit en meent bepaalde zaken nodig te hebben, dit alles ten koste van de dieren. Als je na lezing van mijn boek het gevoel hebt dat je daar iets tegen wilt doen, zou ik zeggen: geef gul aan organisaties zoals het Wereld Natuur Fonds.”

 

Nile lijdt aan pareidolie (waanvoorstellingen). Dat zorgt voor een spannende leeservaring, want – net als Nile – weet je als lezer niet of wat hij ziet écht is. Dit is niet het eerste boek waarin je schrijft over een onbetrouwbare geest. Wat trekt jou daar in aan?

“Dat Nile problemen had met waarnemen, vond ik noodzakelijk voor het plot. Je moet je als lezer ook gaan afvragen wat er nu wel en niet echt is – en door die bril de handelingen bekijken die een reactie zijn op wat er wel of niet was. Ik vind psychische problemen heel interessant. Mensen die daar aan lijden trekken mij op een bepaalde manier aan. Daarom wilde ik zo’n stoornis onderzoeken. Het personage Llewellyn, bij voorbeeld, orakelt er op los en hij wordt gezien als een dorpsgek, maar blijkt ook veel kostbare informatie te hebben. Het lijntje tussen genialiteit en gekte is heel dun.”

 

Het verhaal wordt verteld door Nile, afgewisseld met dagboekfragmenten van Celeste. Waarom heb je voor deze vorm gekozen?

“Ik wilde de feitelijke informatie over dieren en de illegale jacht niet verwerken in het hoofdverhaal. Dat zou een rem zetten op de spanningsboog. Daarom heb ik Celeste gecreëerd.”

 

Of Nile en Celeste wel of geen liefdesrelatie aangaan, blijft lang spannend. Was het antwoord op die vraag voor jou een lastige kwestie?

“Ze zijn door de situatie aan elkaar overgeleverd en zijn allebei buitenbeentjes. Het flinke leeftijdsverschil, plus het feit dat zij minderjarig is, maakt een liefdesrelatie een precaire kwestie. Ook speelt mee dat de kinderloze Nile een soort vaderschapsgevoelens voor haar ontwikkelt. Zij heeft weinig eigenwaarde, is niet buitengewoon aantrekkelijk. Ik wilde niet dat het een liefdesverhaal zou worden - dat zou alleen maar afleiden van het hoofdthema.”

Hoe heb jij het schrijven van deze roman beleefd?

“Het is lastig om te schrijven vanuit woede. Daarom heb ik de personages zo vreemd gemaakt, om het geheel iets te verluchtigen. Het meeste plezier heb ik beleefd aan het schrijven van de dialogen tussen Nile en Celeste. Bij komisch schrijven ligt mijn hart.”

 

In hoeverre lijkt Nile op jou?

“Hij lijkt best wel op mij. Ook ik ben een vreemdeling. Een buitenbeentje. Ik raak ook afgeleid en overweldigd door veel mensen en lawaai. Net als hij heb ik het grotestadsleven vaarwel gezegd om rust te zoeken in de bergen. Waar ik woon hebben mobiele telefoons geen bereik, het internet is er tergend traag. Het is voor mij de perfecte ambiance om te kunnen schrijven.”

 

Je creëerde een nogal donkere wereld, bevolkt door personages met ongelukkige levens. Verhalen die verteld worden over anderen lopen vaak slecht af. Wat zegt dit over jouw wereldbeeld?

“Tja, ik ben bang dat ik zo in elkaar zit. Het boek eindigt ook niet al te vrolijk. Dat zou ook niet realistisch zijn: als je een jager uitschakelt, zullen er altijd andere jagers overblijven. Zo is het gewoon.”

 

Het boek wordt bevolkt door zeer kleurrijke personages. Hoe vond je hun stemmen?

“Ik houd niet van romans waarin alle personages redelijk inwisselbaar zijn en op dezelfde manier spreken. Het is belangrijk dat personages letterlijk een eigen stem hebben. Ik baseerde de types grofweg op mensen die hier in de regio leven, maar dan een tikje vreemder. Tijdens het schrijfproces hóór ik hun stemmen echt. Ik dompel me onder in hun wereld, reduceer mezelf tot luisteraar en vertrouw hun woorden toe aan het papier. Soms schrik ik van hun taalgebruik, vraag me af of ik het niet moet censureren. Maar die stemmen zijn hoe ze zijn. Het vangen van die stemmen is voor mij het makkelijkste deel van het schrijfproces.”

 

Het afgelopen half jaar werkte je als writer-in-residence in Londen aan een nieuw boek, waarin tennis een hoofdrol heeft…

“De vier jaren die ik werkte aan Het genootschap van de laatste dieren hebben me uitgeput. Het nieuwe boek wordt iets totaal anders: een romantische tragikomedie. Dat was echt noodzakelijk: ik wil niet eindigen in een gekkenhuis.”

    

Foto: Matthieu Bourgois
Met dank aan:
Uitgeverij De Arbeiderspers

Eindredactie: Gerd Boeren 

 


Het genootschap van de laatste dieren
Auteur: Jeffrey Moore
Oorspronkelijke titel: The Extinction Club
Uitgeverij De Arbeiderspers
Vertaling: Wim Scherpenisse en Gerda Baardman
ISBN: 978 90 295 7601 7
Paperback
Prijs: € 21,95
Verschenen: juni 2011

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

De Canadese bergen. Op de laatste dag van november stopt man-on-the-run Nile Nightingale tegen het middernachtelijk uur bij een kerk met een verweerd Te Koopbordje ervoor. Hij wordt opgeschrikt door een pickup die over het landweggetje voorbijschiet. Op het dak is een zak vastgebonden. De vrachtauto slingert om hem heen en komt halsoverkop tot stilstand naast het kerkhof. Stilte, dan een bons. Met dat geluid komt er een einde aan Niles rust.

In de juten zak bevindt zich het bloederige maar nog ademende lichaam van een jong meisje. Tegen beter weten in besluit Nile haar te verzorgen en achter diegenen aan te gaan die haar voor dood achterlieten. Het genootschap van de laatste dieren is een sterke en aangrijpende verbeelding van de illegale jacht op wilde dieren en van hen die daartegenin durven te gaan.

 


Wil je reageren op dit interview?

Dat kan op het forum van Ezzulia, waar een apart topic is aangemaakt voor de discussie over de boeken van - of dit interview met - Jeffrey Moore.

Kijk hiervoor op ons boekenforum.

 


Interviews

Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week komen daar weer nieuwe bij. Kijk hier voor het overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de grotere interviews.

 


 

 

Terug naar boven