Skip to: site menu | section menu | main content
De Kort & Krachtig interviews zijn eigendom van www.ezzulia.nl en een aantal worden - met toestemming en onder bronvermelding - ook geplaatst in de dinsdag editie van het dagblad SP!TS en op de website van www.ako.nl


De Zuid-Afrikaanse Margie Orford debuteerde als auteur van thrillers met Bloedbruiden. Ze is journalist, fotograaf en filmmaker en won al diversen prijzen voor haar werk. De veelzijdige Orford groeide op in Namibië en Zuid-Afrika. Tijdens haar studie begon ze met schrijven. In 1985 werd ze gearresteerd door het apartheidsregime, met als gevolg dat ze haar studie moest afronden in de gevangenis.
Na een periode van reizen studeerde ze bij J.M. Coetzee en werkte ze voor uitgevers in het net onafhankelijk geworden Namibië. Ze schreef kinderboeken, non-fictie en werkte mee aan educatieve projecten.
In 1999 ontving ze de Fulbrightbeurs, de meest prestigieuze Amerikaanse onderwijsbeurs. In New York werkte ze aan een baanbrekend onderzoeksproject, Women writing Africa, over het leven van vrouwen in Zuid-Afrika.
Margie Orford woont in Kaapstad
Heb jij vaste regels bij het schrijven van
een nieuw boek?
Een sterke openingsscène die je niet meer los laat tot je aan het eind van het
verhaal komt. Onweerstaanbare personages, een context waar je je in kan
verplaatsen, een misdaad die het bloed in je aderen doet stollen, genoeg
mededogen om je op het eind toch weer met de wereld te verzoenen. En af en toe
wat goeie seks heeft nog niemand kwaad gedaan…
Doe jij naast het schrijven nog iets anders?
Ik zit in mijn studio hoog bovenaan de helling van de Tafelberg bij Kaapstad en
schrijf de hele tijd aan één stuk door. Ik ben zo’n door en door gelukkig mens
dat ik ergens het idee heb dat vroeg of laat een soort schrijverspolitie aan
mijn deur zal staan om me te vertellen dat het allemaal een misverstand is en
dat ik maar eens echt aan het werk moet (wat dat dan ook mag zijn).
Heb jij naast het schrijven ook nog tijd om boeken te
lezen?
Er liggen gewoonlijk 4 of 5 boeken op mijn nachttafeltje. Als ik zelf net volop
bezig ben met het schrijven van een nieuw boek, lees ik niet zo veel. Maar vóór
ik er aan begin, of als ik er net eentje af heb, dan ben ik dol op lezen. Ik heb
nu net McMafia uit van Misha Glenny. Het is het aangrijpende
verhaal over het begin van de georganiseerde misdaad (drugs, wapens,
vrouwenhandel), de duistere kant van de globalisatie. Nu lees ik The
reluctant fundamentalist van Moshin Hamid. Het boek speelt zich af
in Lahore, Pakistan, en neemt me mee naar een samenleving waar ik wel veel
informatie over heb maar geen begrip voor kan opbrengen.
Wie is je favoriete auteur en welk boek zou je zelf
graag geschreven hebben?
Ik ben dol op Ian Rankin, wiens personage John Rebus de louche buurt van
Edinburgh probeert veilig te houden. Geen denken aan dat ik zo’n verhaal zou
hebben kunnen verzinnen, want ik heb een bloedhekel aan het kille natte weer van
Schotland. Ik had graag Midnight’s Children geschreven van Salman
Rushdie. De uitbundigheid van het verhaal en de volheid en dubbelzinnigheid
van het India dat Rushdie ons voorschotelt, zijn adembenemend. Een ander
boek waar ik graag voor had willen tekenen is Honderd jaar eenzaamheid
van Marquez. In beide boeken worden geweld en liefde, medeleven en
wreedheid moeiteloos vermengd.
Wat is het mooiste dat jij in je carrière hebt
meegemaakt?
De dag dat mijn allereerste boek uitkwam –een jeugddetective- was ik zo trots
dat ik het ding in de handen van mijn middelste dochter stopte (ze moet toen
ongeveer vijf geweest zijn). Ze pakte het boek vast en bekeek de cover. Toen
ging ze er bovenop zitten en weigerde obstinaat nog te verroeren. “Je hebt
een boek geschreven en je naam staat er op” zei ze op beschuldigende toon. “Ja,
ben je nu niet trots op me?” vroeg ik. “Jij bent ONZE mama” stoof ze
op, haar zussen erbij betrekkend, “en nu kan heel de wereld je naam lezen.
Hoe kan je nu alleen ONZE mama zijn als iedereen weet hoe je heet?” Het was
bepaald confronterend en ik realiseerde me ter plekke dat ik nu deel zou gaan
uitmaken van twee heel verschillende werelden: die van ons kleine, beschermende
intieme gezinnetje en een publieke waarin ik schrijf over de ver(ge)stoorde
maatschappij waarin we leven.
Waarom ben je schrijver geworden?
Ik ben zonder tv opgegroeid in een familie van lezers en vertellers waar een
gouden regel gold: laat de waarheid nooit een mooi verhaal verknoeien! En dus
stond mijn besluit al vast toen ik vijf was. Ik heb er wel nog een tijdje over
gedaan om mijn draai als schrijver te vinden.
Ik ben eerst een aantal jaren aan de kost
gekomen als onderzoeksjournalist en in die tijd ondervond ik dat ik de feiten
nog zo mooi op een rijtje kon zetten voor kranten en tijdschriften, maar dat ik
toch vaak van de kern van de waarheid afdreef. Ik moet ergens midden dertig
geweest zijn toen ik voor mezelf uitmaakte dat ik me enkel met de echte waarheid
wilde bezighouden, dat ik in de huid van anderen wilde kruipen om aan mijn
lezers eerst de gevoelens te tonen om hen er daarna over te laten nadenken. En
fictie is het beste hulpmiddel om mensen te leren denken met hun hart, een veel
warmer instrument dan hun hersens.
Kan je goed omgaan met kritiek?
Wie tijd en geld investeert om je boek te kopen en te lezen mag het recht
opeisen verwonderd en vermaakt te worden.
Personages of plot?
Personages dragen het verhaal. De manier waarop zij reageren op gebeurtenissen
is wat het boek interessant maakt.
Zijn er personages in je boeken die op jezelf zijn
gebaseerd?
Clare Hart is mijn enige, echte en topfitte heldin. Ze is zo’n beetje wat ik
zelf zou willen zijn. Ik heb een zwak voor Captain Riedwaan Faizal – haar
knipperlichtvriend. Hij heeft de zaken niet echt in de hand – een ouder met een
veeleisende job, steeds proberend om de dingen goed te doen. Het is geen kunst
om voor hem te vallen. Clare Hart mag dan al de ijskoningin uithangen, achter
die façade zit best wel een warm mens verscholen en Riedzwaan weet hoe hij haar
af en toe tevoorschijn kan halen. Misschien is dat wel wat hem zo aantrekkelijk
maakt.
Waar lig jij 's nachts nog wakker van?
Mijn volgende boek dat ik ga schrijven. Daddy’s girl is het derde verhaal
in de Clare Hartserie – ik had verwacht dat het mettertijd gemakkelijker zou
worden, maar wat valt dat tegen! Telkens je voor dat lege blad gaat zitten moet
je weer helemaal van vooraf aan beginnen met een fictieve wereld op te zetten.
Bibliografie Margie Orford:
Vertalingen in het Nederlands:
2008: Bloedbruiden

Aan Sea Point Boulevard in Kaapstad wordt het lichaam van een jonge vrouw
gevonden. Ze is op gruwelijke wijze om het leven gebracht. Alle sporen op het
lijk wijzen naar een dader die geniet van de pijn van anderen. Dr. Clare Hart,
forensisch psycholoog en parttime profiler voor de Kaapse politie, is als een
van de eersten bij het lijk. Samen met rechercheur Riedwaan Faizal begeeft ze
zich in de onderwereld van Kaapstad, op jacht naar de moordenaar. Wanneer er een
tweede en een derde meisje verdwijnen, zit Clare tot aan haar nek in een
levensgevaarlijk kat-en-muisspel, in een wereld waarin vrouwen niet meer zijn
dan lustobjecten.
Wil je reageren op dit interview?
Dat kan op het forum van Ezzulia, waar apart topic is aangemaakt
voor reacties op dit interview. Of voor een discussie over de boeken van
Margie Orford.
Kijk
hiervoor op ons boekenforum.
[21 september 2008]
Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week
komen daar weer nieuwe bij.
Kijk hier voor het
overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de
grotere interviews.