Skip to: site menu | section menu | main content
De Kort & Krachtig interviews zijn eigendom van www.ezzulia.nl en een aantal worden - met toestemming en onder bronvermelding - ook geplaatst in de dinsdag editie van het dagblad SP!TS en op de website van www.ako.nl


Op Ezzulia staan veel interviews en iedere week
komen daar weer nieuwe bij.
Kijk hier voor het
overzicht van Kort & Krachtig en hier voor de
grotere interviews.

Jac. Toes (Den Haag, 1950) schreef Kunst zonder genade samen met Thomas Hoeps. Eerder verschenen van hem onder andere de thrillers De Kleine Leugen en Fotofinish, waarmee hij in 1998 de Gouden Strop wist te winnen. Thomas Hoeps (Duitsland, 1966) promoveerde op 'Terrorismus in der deutschen Literatur'. Hij schreef de roman Pfeifer bricht aus en de verhalenbundel Tomorrow never knows/Systemsieg.
1. Wat zijn de ingrediënten voor een goed boek binnen jouw genre?
Thomas Hoeps: Spanning,
humor, informatie over een gebied dat vele lezers (nog) niet kennen, en
levendige personages.
Jac. Toes: Stijl.
Diepgang. Durf. Doodsangst.
2. Is schrijven je hoofdberoep
of doe je daarnaast nog iets anders?
Thomas Hoeps: Ik heb een
hoofdbaan en schrijf daarnaast. De combinatie is een beetje lastig en heeft tot
gevolg dat ik beslist minder boeken schrijf dan ik zou willen. Maar hopelijk
horen die niet geschreven boeken tot de slechte.
Jac. Toes: Afgezien van
één uur sport en één uur huishouden breng ik de dag schrijvend door, of met
voorbereidingen daartoe, of met afhandelen ervan.
3. Hoeveel boeken lees je zelf
(ongeveer) per jaar? Wat was de laatste en wat vond je daarvan?
Thomas Hoeps: Door mijn
drukke baan kom helaas aan niet meer dan twaalf boeken per jaar toe. Het
voorvoorlaatste was Die dunkle Seite des Mondes
van Martin Suter. Heel spannend en een
echte pageturner. Voorlaatste en laatste boek waren dan ook van
Suter, maar helaas bevatten die slechts
variaties op het eerste.
Jac. Toes: Vermoedelijk
veertig. De laatste waren Lucifer van
Connie Palmen en deel IV van het
Verzameld Werk van
Reve. O, wat kun je veel zeggen met veel
woorden (Reve) en wat weinig maar ook
met veel woorden (Palmen).
4. Wie is jouw favoriete
auteur? En welk boek zou je zelf graag geschreven willen hebben? En waarom?
Thomas Hoeps: Mijn
favoriete auteurs zijn Uwe Johnson,
Rainald Goetz en
Tomas Lieske. Welk boek ik zelf
geschreven zou willen hebben weet ik pas op de lijkbaar.
Jac. Toes: Mijn favoriete
auteurs zijn vooral J.M. Coetzee,
Ian McEwan en
John Le Carré. En in onze NL-sector:
Jef Geeraerts. Mijn volgende boek zou ik
graag geschreven hebben. Omdat het zo’n hell of a job gaat worden.
5. Wat is het mooiste,
vreemdste of meest opmerkelijke dat je als auteur hebt meegemaakt?
Thomas Hoeps: Vreemdste:
een lezing samen met vijf collega’s (iedereen zou 10 minuten lezen) in een
boekwinkel. Die eerste begint en zegt tegen het publiek: “Ik zal u nu 42
gedichten voorlezen.” Dan weet je niet of het reëel is of dat je een nachtmerrie
hebt. Veertig minuten later leest hij nog steeds voor en ben ik al naar huis
(zoals ook enkele toeschouwers).
Jac. Toes: Ik had een
keer een lezing over het – toen nog niet begoudenstropte –
Fotofinish. Er verscheen één persoon. En
die zat in een rolstoel, terwijl het boekje over een serie hardloopwedstrijden
gaat. Het werd een surrealistische bijeenkomst.
6. Wilde je altijd al auteur
worden? En wanneer en waarom nam je die beslissing?
Thomas Hoeps: Zeker kan
je beslissen, van het schrijven je inkomstenbron te maken, maar ik vind
eigenlijk niet dat je beslissen kan auteur te worden. Je wordt het - of niet.
Toen het vierde boek uitkwam, kwam ook de gedachte. Geleidelijk werd ik een
schrijver.
Jac. Toes: Ja, al op mijn
18de wilde schrijver/journalist worden. Ik ging daarom Nederlands studeren en
kwam via marxistische studentenbeweging in het onderwijs terecht – frontlinie
van de naderende revolutie. Diepe depressies hebben mij daar ten slotte uit
bevrijd zodat ik na mijn veertigste werd wat ik wilde.
7. Aan welke kritiek hecht je
meer waarde: van je lezers of van recensenten?
Thomas Hoeps: Dat is
afhankelijk hoe slim de kritiek is, ook recensenten zijn lezers (dat is
tenminste te hopen).
Jac. Toes: Van
redacteuren, onder wie de eerste lezers, zoals vrouw en vrienden. In het
redactiestadium kun je immers nog heel wat herstel- en verbeterwerk verrichten.
Goede redacteuren zijn goud waard: ze wijzen niet alleen op fouten maar ook op
gemiste kansen. Na verschijning van je werk is alle kritiek just for the
records.
8. Wat is belangrijker: de plot
van een boek of de karakters in een verhaal. En waarom?
Thomas Hoeps: Eigenlijk
even belangrijk, maar aan het eind van een boek kan je met heel indrukwekkende,
complexe karakters misschien een mager plot nog redden, eerder dan andersom.
Jac. Toes: Geen idee. Als
ik een interessant verhaal hoor of lees, word ik meestal in eerste instantie
getroffen door de loop van de gebeurtenissen. Later blijkt dan bijna altijd dat
de karakters van de betrokken personages er helemaal mee verweven zijn.
9. Is één van de hoofdpersonen
in jouw boeken autobiografisch? Welk personage spreekt je het meeste aan?
Thomas Hoeps: a) Ze zijn
allen een deel van mij - en dat is niet altijd een prettig inzicht. b)
Vermoedelijk die personen die een idee van een juist leven hebben en dat
vastberaden volgen ook als ze geen kans hebben het te realiseren.
Jac. Toes: Als auteur ben
ik een cocktailshaker. Ik pik de ingrediënten van iedereen, inclusief van
mezelf, totdat na schudden een verleidelijk maar toch pittig drankje op tafel
staat. De sterke vrouwen die in bijna al mijn romans voorkomen, die hebben
beslist mijn voorkeur.
10. Waar maak jij je op dit
moment druk over?
Thomas Hoeps: Eerlijk?
Dat we steeds meer zullen functioneren als machines en er steeds minder plekken
zijn, waar je niet wordt geobserveerd en gecontroleerd en dat je wordt gezegd
wat je hoe hebt te doen.
Jac. Toes: Enerzijds: het
stuk relativeren van allerlei waarheden wat onder andere leidt tot een tergend
gebrek aan stellingname. Anderzijds: omdat je wel ergens vanuit wilt of moet
gaan, ontstaat de neiging om een absolute waarde aan eigen waarheden toe te
kennen. Dan ligt tunnelvisie, in de meest algemene zin van het woord, weer op de
loer.
Bibliografie Jac. Toes:
1993: Dubbelspoor
1994: De Afrekening
1996: Verraad
1997: Fotofinish
1998: Het Maecanas-Project
2001: Coup Zéro
2003: De Vrije Man
2006: De Kleine Leugen
2006: De Twaalfde Man
Bibliografie Jac. Toes & Thomas
Hoeps:
2007: Kunst Zonder Genade
Kunst zonder Genade: De vrouw van een
Nederlandse museumdirecteur vindt de dood in een Duits museum. Haar moordenaar
heeft zich klaarblijkelijk laten inspireren door een kunstwerk. Om die reden
wordt de deskundigheid van restaurateur Robert Patati ingeroepen. Als ook in
Nederland een artistiek geïnspireerde moord ontdekt wordt, is de
Nederlands-Duitse connectie een feit. Psychologe Micky Spijker, werkzaam bij de
Arnhemse politie, en Robert Patati slaan de handen ineen om een op hol geslagen
kunstgek af te stoppen.
Website van Jac. Toes:
http://www.jactoes.nl/
Website uitgeverij De Geus:
http://www.degeus.nl/

Kunst zonder genade van Jac. Toes & Thomas Hoeps is verkrijgbaar in alle boekhandels en online onder andere bij www.ako.nl
© Foto beschikbaar gesteld door Jac. Toes (gebruikt met toestemming)
Wil je reageren op dit
interview?
Dat kan op het forum van Ezzulia, waar apart topic is aangemaakt
voor reacties op dit interview. Of voor een discussie over de boeken van Jac.
Toes & Thomas Hoeps.
Kijk
hiervoor op ons boekenforum.
[6 januari 2008]