Realistisch, absurd, humoristisch
Het jaar 2006 zal wat mij betreft de geschiedenis ingaan als een wel heel bijzonder jaar voor de vaderlandse auteurs van spannende boeken. Eerst was daar Elvin Post met zijn zeer bewonderenswaardige tweede thriller Vals Beeld en even later kwam Charles den Tex daar nog eens overheen met het verbluffende De Macht van Meneer Miller. Tussendoor verschenen er nog wel wat meer prima boeken, maar deze twee titels stonden op een wel heel erg hoog niveau. Maar net als je wilt concluderen dat niemand in staat zal zijn daarbij ook maar enigszins bij in de buurt te komen, bewijst Peter de Zwaan het tegendeel. Want met De Voeder heeft ook Zwaan een waar meesterwerk geschreven dat bol staat van de kwaliteit en moeiteloos kan wedijveren met de concurrentie uit het buitenland. Op de achterkant van de cover staan een aantal de kreten die volgens de uitgever de lading van het verhaal moeten dekken: realistisch, absurd, humoristisch. Vaak zijn dit promotionele kreten die na het lezen van een boek niet echt serieus genomen kunnen worden. Maar in dit geval kloppen ze alle drie en staan ze ook na het dichtslaan van De Voeder nog fier overeind.
Om te beginnen is De Voeder een spijkerharde thriller, welke zich grotendeels afspeelt in Denver. Hoofdpersoon is Jeff Meeks, die na een korte en niet bijster succesvolle carrière als crimineel, zijn toevlucht zoekt in de Rocky Mountains. Maar liefst zes jaar en tien maanden houdt hij zich daar schuil voor de gangster Baz Madden, die ten onrechte denkt dat Meeks er met een hoop geld van hem vandoor is gegaan. Zijn enige gezelschap in de eenzaamheid van de bergen zijn de zonderlinge Tom McClaren en het boek Over de Oorlog van Carl von Clausewitz. Maar als twee huurmoordenaars hem dan uiteindelijk toch vinden, besluit Meeks terug te gaan naar Denver om uit te zoeken waarom hij na al die jaren nog steeds wordt gezocht. En tevens uit nieuwsgierigheid naar zijn jeugdliefde Elisha, aan wie hij al die jaren steeds is blijven denken.
Maar buiten de spanning en het harde geweld bevat De Voeder ook een zeer aanstekelijke humor, welke vooral tot uiting komt in een hele reeks van vreemde typetjes en bizarre situaties. Mooiste personage is de aalvlugge en zeer slimme crimineel Tyee, die Meeks regelmatig uit de brand helpt en voorziet van bruikbare informatie. En die hem bijvoorbeeld ook voorstelt aan de totaal gestoorde Ricky Dogg F (ook bekend als De Nabrander), die op werkelijk hilarische wijze ervoor zorgt dat Meeks niet meer gevolgd kan worden door een politieman die hem al een tijdje op het spoor lijkt te zijn. Het boek staat propvol met dit soort figuren en de humor is meer dan aanstekelijk. Maar nergens zorgt het ervoor dat de aandacht van de hoofdlijnen wordt weggetrokken, want in een hoog tempo blijft Jeff Meeks proberen om de gangsters in Denver te overtuigen van het feit dat ze hem vooral met rust moeten laten.
Sneller dan je als lezer zou willen trekt Peter de Zwaan je dwars door het verhaal heen en vliegen de grappen en de kogels je om de oren. Meeks blijft steeds overeind, wat trouwens niet gezegd kan worden van zijn jeugdliefde Elisha, die een bijzondere rol inneemt binnen alle gebeurtenissen. Uiteindelijk komen Meeks en gangsterbaas Madden tegenover elkaar te staan en wordt ook de betekenis van de titel van het verhaal duidelijk gemaakt. De Voeder is een geweldig boek dat veel te snel is afgelopen en dat werkelijk schreeuwt om een vervolg.
We want more, We want more





