Jachtinstinct
Door Tisa Pescar
Sommige dieren zijn geboren jagers, dat weet iedereen. Zo ook het schattige,
langharige katje dat ik heb. Calina heet ze. Ze komt uit een grote familie van
Siberische boskatten, is prachtig blauwcrème van kleur en heel erg klein. Door
dat laatste lijkt ze zelfs nu, op volwassen leeftijd, nog op een jong poesje.
Hele dagen ligt ze op mijn schoot te genieten van mijn liefkozingen, want ze is
erg aanhankelijk. Je zou bijna vergeten dat een kat een roofdier is.
Hoewel…
Dat katten en muizen niet samengaan, wordt door Calina met de regelmaat van de
klok bewezen. Hele gezinnen heeft ze al uitgemoord. En dat gaat er niet bepaald
zachtzinnig aan toe. Dat is de natuur, zullen we maar denken. Maar als ik weer
eens een spitsmuis hoor krijsen, die door Calina als speelbal gebruikt wordt,
draait mijn maag toch wel even om.
Mollen zijn evenmin veilig, om maar te zwijgen over kievitsjongen. Van die
lieve, gevlekte kuikentjes met ronde kraaloogjes, weerloos piepend in een
kuiltje in het gras, klaar om gegrepen te worden. Daar zijn er tot nu toe al
twee van opgehaald door de dierenambulance. Mijn excuus om mezelf in de loop der
natuur te mengen: de kievit is een beschermde diersoort. Die kun je toch niet
zomaar laten afslachten? Zelfs niet door een kat.
De meeste prooien die Calina mee naar huis neemt, zijn voor mij bestemd. Het
schijnt namelijk dat tevreden katten erg gul zijn met cadeautjes ten aanzien van
hun baasjes. Nou, blijkbaar verzorg ik Calina op en top, want ik heb al diverse
keren een levenloze muis op het voeteneind van mijn bed aangetroffen.
De stelling dat een kat enkel dieren vangt vanuit haar jachtinstinct en niet
omdat haar maagje knort, is door Calina inmiddels ook ontkracht. Zo nu en dan
houdt ze haar jachttrofeeën voor zichzelf. Zo heeft ze vorige week met smaak een
veldmuis opgepeuzeld. Met huid en haar en zonder ook maar één druppeltje bloed
te morsen. Ik begrijp nu in ieder geval wel waarom ze zo weinig blikvoer eet. De
kattensnackbar is vlakbij!
Wat ze gisteren heeft uitgehaald, spant echter de kroon. Gealarmeerd door het
kabaal dat uit mijn keuken kwam, besloot ik daar maar eens een kijkje te nemen.
Wie schetst mijn verbazing toen ik een jong konijn in het kattenluik zag hangen.
Het beestje was precies even groot als Calina en werd op hardhandige wijze door
haar het huis in gesjord. Halfdood van angst landde het op de deurmat, waarna ik
de dierenambulance maar weer gebeld heb, bij wie ik intussen vaste klant ben.
Bij nader inzien bleek het om een haas te gaan. Iets wat ik had kunnen weten, de
lange achterpoten en enorme oren in aanmerking genomen.
In ieder geval vraag ik me af wat de toekomst nog zal brengen met een jager als
Calina in huis. Ik vermoed dat de lijkenberg zich gestaag zal opstapelen. Een
muizenplaag in huis hoef ik waarschijnlijk niet te vrezen. Hetzelfde geldt voor
molshopen in de tuin. Hoe dan ook verwacht ik binnenkort op zijn minst een
kleine hond in het kattenluik te zullen aantreffen, of een roodbonte koe. De
tijd zal het leren…
Zaterdag 4 juli 2009.
Tisa Pescar (17 januari 1967, Rotterdam) debuteerde als auteur in 2003
met de bovennatuurlijke thriller Varcolac. Vijf jaar later werd het
opnieuw uitgebracht als Jachtmaan bij de Belgische uitgeverij Kramat. Het
op zichzelf staande vervolg Wolfmaan verscheen in juni 2009. Naast
schrijfster is Pescar ook gitariste en schilderes.
Heb je een mening over deze column?
Op het forum van Ezzulia is een topic over deze column van Tisa Pescar. Geef daar je mening of discussieer met andere bezoekers van Ezzulia.
Kijk hier voor het speciale topic.
Meer columns? Kijk dan hier.

