De bergbeklimmer
Door Tomas Ross
Willem Asman kan goed schrijven maar slecht lezen. Willem Asman vergelijkt me
met een mythologische Griekse held die zijn kinderen afslacht maar Willem Asman
heeft Atheneum B en ik gymnasium Alfa.
Ik heb nooit gesteld “mijn kinderen” GNM en Maand van het Spannende Boek af te willen slachten, integendeel. Ik zou willen dat het GNM niet alleen een alibi vormt om gezellig dronken te worden maar vooral een belangenvereniging voor de aangesloten auteurs wordt in plaats van het zoveelste clubje waar de rondvraag een uur duurt en over het nieuwe koffiezetapparaat gaat. Zo was dat GNM bedoeld namelijk: zakelijke adviezen aan (beginnende) auteurs, contracten, promotie, rechten. Meer de G van Gilde dan van Genootschap. Willem A. weet dat, al was hij er toen niet bij, hij overlegde dit jaar nog uitvoerig met me, vast van plan de boel te reanimeren. Maar ’t is nog immer een uitje naar de schietbaan van het KLPD, een mededelingenblaadje en een jaarlijks Mystery Dinner waar niets mysterieus meer aan is behalve wat er op je bord ligt.
Ik stelde voor de MvhSB als ooit weer naar
het najaar te verplaatsen. Omdat juni sowieso al een maand is waarin de
thrillerverkoop aantrekt gezien strand en vakantie, omdat het bovendien de
mediale komkommertijd is, omdat je óók nog eens kunt inspelen op de komende
Sinterklaas en Kerst.
Kortom, ik slacht die kinderen niet af, ze zijn de puberteit ontgroeid, ze
worden volwassen, ik kan ze moeilijk nog in korte broek laten lopen. Nieuwe
kleren dus, en niet van de keizer..
En ja, ik zou die Gouden Strop na alle verdiensten die hij onmiskenbaar heeft
gehad willen afschaffen, dat is nu wel genoegzaam bekend. Misdaadliteratuur is
nu eenmaal Literatuur, dáár horen we dus bij; de criteria bij de Literaire
Prijzen liggen “hoger”, de concurrentie is feller, dus effectiever en meer
stimulerend, de juryleden hebben meer deskundigheid, de prijzen meer prestige en
wij, schrijvers van (spannende) romans worden dan eindelijk beoordeeld op wat we
dus zijn, schrijvers van romans. De Gouden Strop was in mijn visie geen doel,
maar Middel.
Het verzet tegen mijn voorstel is net zo oud als fel, maar, afgezien van angst en beduchtheid, beide slechte raadgevers, houtsnijdende argumenten heb ik nooit gehoord, ook nu weer niet. “Ze laten je niet toe”. Tja, dan moet je het niet proberen. ’t Is territoriumangst, beducht ondergesneeuwd te worden.
De Schaduwprijs heb ik ooit in het leven geroepen omdat ik het bespottelijk vond dat een debuut niet mee zou kunnen dingen naar de Strop. Dat is veranderd sinds Elvin Post de laatste won met zijn debuut in 2004 waarmee het bestaansrecht weg is want wat is dán nog de zin ervan? Het versplintert, is wéér een clubje erbij.
De VN- T&D gids is net zo min mijn kind als The Power of Plots. Ik heb nooit en nergens beweerd de gids af te schaffen, ik constateerde slechts dat hij jaarlijks slechter en rommeliger wordt. Bijval alom, zelfs van VN. De POP mag, ik heb alleen gezegd dat ’t nauwelijks iets oplevert, ’t is ’t eigen nestje, een piepklein boekenballetje, ’t zal de ijdelheid wel strelen.
Asman noemt het prachtideeën waarmee het
verkeerd is afgelopen. Hij bedoelt dat cynisch en zo heb ik het meer gehoord,
het wordt me verweten niet standvastig in de eigen leer te zijn. Zó ken ik ze
weer, mijn landgenoten, doe maar gewoon, hou alles nou bij ’t oude vertrouwde,
al die nieuwe fratsen.
En dan verwijt Asman mij het moppermannetje te zijn dat zo graag verlangt naar
die tijd van vijf mannen, een hond en een fles jenever! Ik die ’t nota bene
juist wil veranderen! Champagne wil.
Aangezien ik mild van aard ben, en buitengewoon democratisch gezind, leg ik me er maar bij neer dat ’t dus wel traditiegetrouw weer vijftig jaar zal duren voor er iets veranderen zal – en dus deed ik daarom, geheel indachtig die roekeloze poldergeest van mijn collegae, wat gematigder voorstellen: die MvhSB naar een gunstiger tijdstip, deskundiger jury’s (graag ook uit die angstaanjagende Literaire Hoek), de nominaties minstens enkele weken aanhouden, de Strop aan het einde van die Maand.
Daarbij heb ik de kwestie van Kwaliteit
opgeroepen en Oei Oei , dat zal ik weten! Maar waarom? Ik stelde dat het label
Literaire Thriller weliswaar commercieel succesvol is maar ook verneukeratief en
uiteindelijk tegen je zal werken. Je noemt toch een Trabant geen Ferrari?
Waarom overigens sowieso dat Thriller als ’t gewoon een roman is? Ik plak toch
ook op een auto geen sticker dat ’t een auto is ? Auteur-Titel-Roman (Doe maar
gewoon!). Ik bedoelde te zeggen dat de jury’s voor de Strop in toenemende mate
incompetent blijken en stelde dat mede daarom de prijs aan prestige inboet.
Tevens schreef ik naar aanleiding van een opmerking van de jongste prijswinnares
die de Plot ondergeschikt acht aan Karakters dat de eerste nu juist hét
onderscheid maakt met andere literaire genres ( hoewel je het daar in toenemende
mate constateert – zie de nieuwe A.F.Th) en dat je dan dus het wezen van het
Spannende Boek ontkent. En tenslotte betreurde ik het dat de (commerciële)
teneur steeds meer de Vinexroman wordt, simpele fictie toegesneden op wat
kennelijk vooral de grote groep jonge lezeressen boeit, i.e. vreemd gaan wat je
niet had moeten doen want… Zeg dus maar de Endemollisering van het genre. Goede
Tijden voor de auteurs ervan, Slechte Tijden voor het genre als zodanig. Want ik
concludeerde, afgezien van de doses seks dat we helaas weer terug zijn naar de
tijd van ’t stranddetectiefje terwijl we nou juist in de afgelopen decennia zo
goed bezig waren de Spannende Roman naar het literaire niveau te tillen.
Smaken verschillen, ieder zijn meug, maar de bijval voor dat standpunt spreekt
boekdelen (sorry).
Bergen klimmen, Willem Asman, ik doe hem denken aan de fanatieke bergbeklimmer. Steeds hoger, nog een top, zonder van het uitzicht onderweg te genieten. Waar zíjn die bergen hier, ik ploeter al decennia zes meter onder ANP en ’t uitzicht is navenant. Een troebel vijvertje met vijftig, zestig visjes die naar elkaar roepen hoe sierlijk ze zwemmen, hoe mooi ze zijn.
Donderdag 18 juni 2009.
Tomas Ross (pseudoniem voor Willem Hogendoorn) is sinds 1984 fulltime auteur van misdaadromans en film- en tv-scenario’s. Hij debuteerde in 1980 met De Honden van het Verraad, een zogenaamde politieke thriller over het vrijheidsstreven van Zuid-Molukkers in Nederland en Indonesië. De veelgeprezen roman kenmerkte zich door wat nadien Ross’ handelsmerk zou worden: spannende fictie gebaseerd op research en feiten.
Tomas Ross werd drie keer bekroond met de Gouden Strop, in 1987 voor zijn
futuristische thriller Bčta en in 1996 voor zijn roman Koerier voor
Sarajevo, over de oorlog in het voormalige Joegoslavië. In 2003 won
Ross zijn derde Strop met De Zesde Mei, zijn verhaal over de moord
op politicus Pim Fortuyn.
Heb je een mening over deze column?
Deze column van Tomas Ross is een vervolg op zijn
artikel voor Ezzulia over onder
andere de Maand van het Spannende boek, de Gouden Strop en de Schaduwprijs.
Tevens is het een reactie op de column van
Willem Asman, voorzitter van het Genootschap Nederlandse Misdaadauteurs.
Op het forum van Ezzulia is een discussie aan de gang over het artikel van
Tomas Ross. Binnen het topic is ook ruimte voor reacties op deze column.
Kijk
hier voor het speciale topic.
Nog meer columns? Kijk dan hier.


